terug
persbericht Kerken in Aktie (25 juli 2001):
77 doden en 100.000 evacuees als gevolg van overstromingen in Orissa

  fotoreportage van Henk Braam
  'Verwoeste dorpen in Orissa krabbelen op'
  Droogte treft ook Orissa





ORISSA

Na de cycloon



Het geheugen van de media lijkt vaak kort. Dat is soms schrijnend. Bijvoorbeeld als het om humanitaire rampen gaat. Het voorpaginanieuws en de breed uitgemeten ellende van gisteren, is de vergetelheid van vandaag waarin buiten het bereik der camera's verder wordt geleden, traumatische ervaringen moeten worden verwerkt en het leven weer vanaf de grond moet worden opgebouwd. Media hebben het te druk met het nieuws om veel ruimte in te ruimen voor 'follow ups' op de rampen van gisteren. Wat gebeurt er nu in de gebieden die getroffen werden door aardbevingen, overstromingen of wervelstormen?

Met de beelden van de watersnood in Mozambique nog vers op het netvlies, dringt de vraag zich hoe op het er voorstaat in Orissa, ruim vier maanden na de vorige 'wereldramp': de allesverwoestende cycloon die deze Oost-Indiase deelstaat trof op 29 oktober 1999. Het Dagblad Trouw nam op 11 maart 2000, naar aanleiding van Mozambique, de moeite om te komen met een korte terugblik op de ramp in Orissa. De cijfers die Trouw noemt: officieel 9.885 doden, het verlies van 520.000 stuks vee en 1,8 miljoen verwoeste huizen. Over de cijfers bestaat overigens geen eenduidigheid. In haar 'white paper' noemt de regering van Orissa een aantal van 1,65 miljoen verwoeste huizen. Andere bronnen spraken zelfs van 2,5 miljoen. Het aantal doden ligt vrijwel zeker boven het officiële aantal.

Aan deze cijfers valt nog een heel rijtje aan toe te voegen. De 'white paper' noemt onder meer 15.000 verwoeste basisscholen, 1,3 miljoen ha. aan verwoeste rijstvelden en 9 miljoen verwoeste bomen. En 17,2 miljoen mensen die op enigerlei wijze getroffen zijn door de ramp, oftewel de helft van de totale bevolking van Orissa.

Trouw trekt parallellen tussen Mozambique en Orissa, o.a. het traag op gang komen van informatie en hulp. Dat klopt. Orissa moest het direct na de ramp doen met betrekkelijk weinig publiciteit. In de geïsoleerde en economisch onbeduidende deelstaat Orissa waren weinig journalisten op het moment van de ramp ter plaatse, en na de ramp bleek het lange tijd onmogelijk of zeer moeilijk het getroffen gebied te bereiken. Het duurde dan ook een tijd voor er genoeg informatie was.

Maar - anders dan Mozambique - kreeg de ramp in Orissa ook daarna niet de aandacht en hulp die ze gezien de omvang 'verdiende'. Wat betreft de omvang: het aantal door de ramp getroffen mensen in Orissa is bijna gelijk aan de gehele bevolking van Mozambique bij elkaar (die bedroeg 15,5 miljoen in 1994, en volgens schattingen nu een kleine 20 miljoen).

Orissa is echter een onbekende Indiase deelstaat, die werd getroffen toen de wereld net de orkaan Mitch in Midden-Amerika, een oorlog in Kosovo en een aardbeving in Turkije met bijbehorende nationale hulpacties achter de rug had. Een nationale televisieactie zat er dus niet in. Wel stelde de Nederlandse regering vijf miljoen gulden beschikbaar. En op een laat tijdstip werd alsnog het gironummer 800800 van de Samenwerkende Hulporganisaties opengesteld, bescheiden ondersteund door advertenties in de geschreven media. Maar de opbrengsten van die actie vielen fors tegen. Het nummer is inmiddels in gebruik voor Mozambique.

Dat neemt niet weg dat internationale én Nederlandse hulporganisaties - vooral uit eigen middelen - actief zijn in Orissa. Met eigen mensen, maar vooral ook via lokale partners. Zoals bijvoorbeeld Action Aid, het (internationale) Rode Kruis, Artsen zonder Grenzen, Novib en Kerken in Aktie.

Na vier maanden is de eerste fase van het hulpprogramma aan Orissa (noodhulp) voorbij, meldt Jagadananda in Trouw. Jagadananda is directeur van het Platform dat veel particuliere hulp aan Orissa kanaliseert. Onder meer Novib werkt via dit netwerk. Het is overigens niet het enige netwerk dat ingeschakeld wordt voor de hulp. Kerken in Aktie werken weer samen met netwerken van kerkelijke hulporganisaties.

Wederopbouw is de volgende fase. Een enorme klus die vele jaren zal vergen. Dat betekent het bouwen van miljoenen woningen, scholen, herstellen van verbindingen en infrastructuur en weer bruikbaar maken van landbouwgrond. Maar feitelijk zijn beide hulpfases op dit moment niet zo goed te onderscheiden en lopen ze in elkaar over. Veel mensen, zoals gezinnen die kostwinners hebben verloren, ouderen en gehandicapten, zijn nog altijd afhankelijk van voedsel(nood)hulp. Verder koppelen 'Food for Work' programma's verstrekking van voedsel aan werk ten behoeve van de wederopbouw; loon in natura dus voor herstelwerkzaamheden aan wegen, bruggen etcetera. Stephanie Kriner van 'Disaster Relief', een samenwerkingsverband tussen het Amerikaanse Rode Kruis, IBM en CNN om informatie te verspreiden over rampen en wereldwijde hulpoperaties, meldt in een rapport van 4 februari 2000 dat her en der ontbindende kadavers van mensen en dieren nog altijd op de akkers liggen. De boeren zijn gewend geraakt aan de stank, en werken om de lichamen heen terwijl ze proberen de schade te herstellen die cycloon en overstromingen aan hun akkers hebben aangericht. Jagadananda die begin maart nog in het rampgebied was bevestigt dat beeld in Trouw. "Nog steeds liggen er halfverbrande lijken". Het illustreert pijnlijk het gebrek aan droog brandhout en kerosine waaraan Orissa ook lijdt.

De politiek gaat ondertussen gewoon door in Orissa. De Congrespartij is bij de recente deelstaatverkiezingen door de kiezers afgestraft. Na de ramp schitterde de Congresregering van Orissa door gebrek aan daadkracht en besluitvaardigheid. Anders gezegd: van enig bestuur was weinig tot niets te merken. Dat de Congrespartij met deze wanprestatie onder het zogenaamde 'incumbency syndrome' (vrij vertaald: de zittende regering krijgt de schuld) zou lijden, stond wel vast, maar dat ze zou kelderen van 81 zetels naar 26 zetels in het 147 leden tellende parlement van Orissa, hadden zelfs de pessimisten in de partij niet ingeschat. De wederopbouw zal nu onder verantwoordelijkheid van de nieuwe BJP/BJD-coalitieregering ter hand genomen moeten worden. Hoe krachtdadig de nieuwe premier Naveen Patnaik en de zijnen zich ook zullen gedragen, alleen op eigen kracht zal het toch al arme en bijna-failliete Orissa de opgelopen ontwikkelingsachterstand niet kunnen inhalen.

Henk Boon
15-3-2000


  fotoreportage van Henk Braam
  'Verwoeste dorpen in Orissa krabbelen op'
  Droogte treft ook Orissa



Landelijke India Werkgroep - 16 maart 2000