print terug

Kamervragen lid Gesthuizen (SP) aan
de Minister van Buitenlandse Zaken, de Minister van Justitie en de Staatssecretaris van Economische Zaken

26 september 2007


  1. Hebt u vernomen dat de Schone Kleren Kampagne en de Landelijke India Werkgroep en zeven van haar werknemers door de Indiase rechtbank zijn gedaagd wegens smaad, cybercrime, racisme en xenofobie op basis van een aanklacht van het bedrijf Fibre and Fabrics International (FFI) en haar dochter Jeans Knit PvT Ltd, bedrijven die onder meer leveren aan het Nederlandse internationale kledingbedrijf G-Star en wat is hierop uw reactie?1

  2. Hebt u tevens vernomen dat het de Indiase organisaties (vakbonden en NGO’s) waarmee zij samenwerken sinds juli 2006 door de locale rechter is verboden om aan derden, zowel buiten als binnen India, te berichten over de arbeidsomstandigheden bij FFI?

  3. Hoe beoordeelt u de brief van de Indiase Ambassade aan de Schone Kleren Kampagne waarin de campagnevoerders die het monddood maken van Indiase organisaties veroordelen wordt verweten ‘het rechtssysteem in India te ondermijnen’ en waarin aan hen gevraagd wordt de documenten op de websites over de schending van arbeidsrechten bij FFI te verwijderen? Is hier geen sprake van het ongewenst en onrechtmatig aanzetten tot censuur?

  4. Welke ondersteuning kan de Nederlandse overheid bieden aan Nederlandse NGO’s die juridisch worden geďntimideerd en voor de Indiase rechter worden gedaagd?

  5. Heeft India inderdaad de rechtsmacht om personen of organisaties in Nederland te dagvaarden op basis van publicaties door deze organisaties, inclusief publicaties op het internet?

  6. Welk risico is er, in geval van een veroordeling door de Indiase rechter, van uitlevering door landen waarmee India een uitleveringsverdrag heeft?

  7. Gaat u deze kwestie aankaarten bij uw Indiase ambtsgenoten teneinde duidelijk te maken dat deze rechtszaken tegen mensenrechtenorganisaties de vrijheid van organisatie en meningsuiting zowel binnen als buiten India aantasten en bovendien andere bedrijven ertoe kan aanzetten met soortgelijke maatregelen NGO’s en vakbonden de mond te snoeren?

  8. Welke gevolgen zou een negatief of getraineerd oordeel van de Indiase rechter kunnen hebben op het Nederlandse MVO beleid dat in sterke mate is gebaseerd is op onafhankelijk onderzoek, transparantie, vrijwillige initiatieven die uitgaan van de meerdere belanghebbenden en dialoog tussen partijen?

  9. Welke stappen gaat u ondernemen om te voorkomen dat NGO’s die op deze wijze worden aangeklaagd permanent de toegang tot India wordt ontzegd, zoals reeds het geval is bij diverse medewerkers van de Landelijke India Werkgroep (LIW) waaronder de directeur van deze werkgroep die sinds oktober 2003 geen visum krijgt?



1 http://www.schonekleren.nl/nieuws/07-09-13.htm



voor beantwoording van deze vragen op 6-11-2007, zie hier
voor de voorlopige beantwoording van deze vragen op 4-10-2007, zie hier

Landelijke India Werkgroep - 27 september 2007