Armoede is uit

Interview met India-correspondente
Wilma van der Maten


India is geen makkelijk land voor buitenlandse correspondenten. De NOS vertrouwde er echter op dat Wilma van der Maten, net als eerder in IndonesiŽ, met veel doorzettingsvermogen haar weg wel zou vinden. Inmiddels bericht zij alweer vijf jaar vanuit India over Zuid-AziŽ. ĎIk ga mij richten op de meer menselijke verhalen, juist de tegenstellingen van armoede en rijkdom, want India is het allemaal.í

Kan je een korte schets geven van je journalistieke loopbaan?
Ik heb eerst de school voor de journalistiek in Utrecht gevolgd. Daarna heb ik culturele antropologie aan de Universiteit van Utrecht gestudeerd. Ik wilde graag correspondent worden in een niet-westers land en deze studie leek me naast journalistiek een goede voorbereiding. Het heeft me veel inzicht gegeven in gebruiken, tradities, verschillende normen en waarden in verschillende culturen. Het biedt je handvatten om beter te luisteren en minder snel te oordelen, de culturele afstand te overbruggen. Dat er bijvoorbeeld een groot verschil is tussen religie en cultuur als het gaat om de islam. Ik zie het hier en zag het in IndonesiŽ, dat Islam de leidraad is voor het dagelijkse leven, de dag ordent en overzicht biedt.
Ik begon ooit bij de NCRV voor het radioprogramma Hier en Nu. Daarna heb ik bij de Wereldomroep gewerkt. Na vijf jaar als redacteur en verslaggever bij het Radio 1-journaal te hebben gewerkt, begon ik in oktober 1999 als correspondent voor de VRT, de NOS en Trouw in Jakarta. In 2006 zijn we naar India vertrokken voor NOS Radio en TV, VRT en de Volkskrant, en nu het FinanciŽle Dagblad. De Volkskrant heeft de post wegbezuinigd en een redacteur in Kabul geplaatst.

Hoe werd India je standplaats?
De NOS vroeg mij in 2006 of ik in Zuid-AziŽ met als standplaats India een multimediale post wilde opzetten. Ik vond dat een enorme uitdaging. Het was toen vijftien jaar geleden dat ik met mijn rugzak door India had getrokken. Ooit droomde ik weg in de lift van het NCRV-gebouw toen de NCRV een nieuwe correspondent in India zocht en Hans Kuitert de gelukkige was. India leek me toen al een droom van een land om te mogen wonen en werken. En dat lukte. Ze dachten bij de NOS dat na IndonesiŽ India een logische stap was voor mij. Vergelijkbare landen. Ik zou mijn weg er wel gemakkelijk vinden en dat was zo. India is geen gemakkelijk land voor een buitenstaander, alleen al door de bureaucratische rompslomp, maar ik ben een doorzetter. In IndonesiŽ kreeg ik alle interviews en papiertjes voor elkaar. De NOS vertrouwde er kennelijk op dat me dit in India ook zou lukken. Daarnaast heb ik de NOS altijd verteld geen belangstelling voor posten in Europa of Amerika te hebben. Ik hou erg van landen en culturen als India en IndonesiŽ. En mijn achtergrond van antropoloog zal ook voor mij gepleit hebben.

Wat vind je het meest prettig en boeiend aan je werk als correspondent in India?
Het reizen, het land door, de steden, maar vooral het kleurrijke en vriendelijke platteland. Ik kan dagen genieten en nagenieten van zoín reis. India heeft het allemaal: de rijstvelden, de woestijnen, de bergen en de zeeŽn. De openheid en vriendelijkheid, de norsheid en soms de agressie hier in het noorden. De uiteenlopende mensen die je in je vak ontmoet. Dat kan een gewone boer in de rijstvelden zijn tot de president-directeur van het grote Tata-concern. Het is heerlijk om verhalen en portretten van deze uiteenlopende mensen te maken. Je komt er dan ook achter dat dť IndiŽr niet bestaat en ook niet in een hokje valt te stoppen zoals we dat graag in Nederland doen. Mensen zijn hier uniek in hun soort. Ze verrassen, vertederen, maar halen soms ook het slechtste in je naar boven. Soms ga ik schreeuwen tegen iemand, of ik word agressief, wat ik niet wil. Als je in
<< IndiŽrs verrassen, vertederen, maar halen soms ook het slechtste in je naar boven >>
IndonesiŽ wat wilt bereiken, moet je absoluut niet kwaad worden want dan gaat het luik dicht. Je fluistert hooguit dat je ontzet bent. Maar de enige manier die hier in India werkt, is een enorme grote mond opzetten, vooral in het noorden van het land, en dan luisteren ze. Dat heb ik van mijn Indiase collega's en vrienden geleerd. Maar dat kan betekenen dat ik soms dingen doe, die ik eigenlijk niet wil doen.

Wat vind je het moeilijkste in je werk? Waar loop je tegenaan?
De enorme tegenstellingen, de uitersten waar je in terecht komt. Je geweten dat wordt getart bij zoveel armoede, en ís avonds drink je een goed glas wijn. Soms wil ik graag hard weghollen voor de armoede. Je kunt me overal neerzetten, maar blote kinderen in de kou, kleine kindjes die door hun zusjes worden geslagen, het zal nooit wennen.
Ook de agressie die je soms tegenkomt niet. Onlangs trokken we naar Kashmir om een verhaal over de nieuwe generatie stenengooiers te maken: jonge intellectuelen die Facebook en Twitter gebruiken en eigen popsongs schrijven om hun gevoelens en visie duidelijk te maken. Een generatie die niets met Pakistan te maken wil hebben maar een eigen vrij Kashmir wil. We interviewden jongeren op een college. Voor ik het wist, klom de politie schietend over een muur en lagen we op de grond! Er zijn jongens gewond afgevoerd. Het was bijna een foute James Bond-film waarin we terecht waren gekomen. En dat in de grootste democratie ter wereld. Er kunnen dan wel problemen in Kashmir zijn, maar met zoín incident bewijst de politie buiten zijn boekje te gaan en de zaak niet onder controle te hebben.
Dan heb je nog de desinteresse van rijken voor armen, want ach je karma, je zult het zelf in je vorige leven wel verpest hebben. Of de mentaliteit van de nieuwe rijken: ĎIk heb er hard voor gewerkt, waarom zou ik moeten delen?í. Gurgaon buiten Delhi is de stad met de meeste luxe shoppingmalls van India. Maar ze zijn wel aangelegd
<< De enige manier die hier werkt is een enorme grote mond opzetten >>
door analfabeten uit Bihar en Uttar Pradesh in regen en wind, extreme hitte en kou en met hun kinderen en zuigelingen op de arm. Ze werken voor een euro per dag, zowel mannen als vrouwen. Omdat de families van bouwplaats naar bouwplaats trekken, gaan hun kinderen niet naar school en blijven zij dus in de cirkel van armoede zitten. Maar armoede is uit. Zoals mijn baas bij de NOS ooit zei: ĎWe zijn slechts geÔnteresseerd in het India van de negen procent groei. De nieuwe economische wereldmachtí. Maar dan had hij beter moeten kijken toen hij ooit een paar dagen in India was. Er is een middenklasse van 300 miljoen, maar net zo goed een klasse van armen met dezelfde omvang. Het verschil tussen arm en rijk wordt groter, maar die discussie gaat iedereen liever uit de weg.
Ten slotte de klasse- en kastenmaatschappij. Ik had eens een interview met een directeur van een ziekenhuis, ooit een dalit die uit zijn milieu wist te ontsnappen. Zijn vader maakte traditiegetrouw leren schoenen. Hij ook, maar met een lening wist hij ze te exporteren naar DŁsseldorf, Frankfurt en Londen. Het waren design-schoenen. Hij werd rijker en gevraagd als voorzitter van de Kamer van Koophandel. Een geslaagde man. Maar toen zijn dalit-zoon dacht met een brahmaans meisje te kunnen trouwen, vond de zakenwereld hem niet meer leuk. Na de eerste steen door de ruiten werd het huwelijk afgezegd en trouwde zijn zoon, een arts trouwens, met een dalit-arts. In Nederland zeggen we: wie als een dubbeltje geboren is, wordt nooit een kwartje.

Wat zijn specifiek Indiase aspecten van je werk?
Politici leven in een gesloten circuit. In Jakarta had ik een perskaart waarmee ik het parlement in en uit kon lopen. In India ben ik in al die jaren nooit verder dan de hal geweest. Voor elk debat moet ik een fax sturen met het verzoek of ze me willen uitnodigen. Tegen die tijd dat de sessie voorbij is, krijg ik de uitnodiging. Er is veel bureaucratie. Ministers en parlementariŽrs zijn minder makkelijk te bereiken, maar dat geeft niet. Ze hebben vaak ook niet zoveel te vertellen: het is een beetje een elite-kliek, allemaal uit hetzelfde nest, uit dezelfde families.
Ik praat het liefst met gewone IndiŽrs over hun leven. Een groot thema maak ik zo klein mogelijk aan de hand van een gebeurtenis in een familie. IndiŽrs zijn gemakkelijk te benaderen. Ze praten en vertellen graag. Ze zijn heel gastvrij met thee en versnaperingen. Zelfs de arme mensen op het platteland proberen nog te bieden wat ze hebben.

Hoe kies je uit alles wat er gebeurt in India je onderwerpen waarover je bericht?
Ik lees veel kranten, tijdschriften en boeken, en ik praat veel met mensen. Ik kijk wat er om mij heen gebeurt, stel vragen, toon interesse, sta open voor ontwikkelingen en geniet er vooral van dat ik in zoín land mag wonen en werken. Ik leef en doe mee met mijn Indiase vrienden en hun gezinnen en hang niet rond in het expat-circuit of in de bar van de buitenlandse correspondentenclub.

Zijn onderwerpen die je kiest in India zelf ook altijd nieuws?
Vaak zijn mijn onderwerpen gerelateerd aan het nieuws, anders krijg ik mijn verhaal niet verkocht. Zelfmoord onder boeren is pas een verhaal als er zojuist nieuwe cijfers zijn gepresenteerd. Maar ik hou erg van ontwikkelingen en achtergronden, mooie menselijke verhalen. Dat kan een vlotte mooie Indiase meid zijn die net is afgestudeerd aan Harvard en nu aan het hoofd staat van het appelbedrijf van haar vader in Himachal Pradesh, echt alles over appels weet, uit nationalistische gevoelens is teruggekeerd naar haar land, een heel sociaal beleid voert met haar boeren en daardoor goede resultaten boekt.

Welke onderwerpen en regio's hebben het meest je eigen interesse?
Ik reis graag naar Kashmir. Het is moeilijk aan al mijn opdrachtgevers of de buitenlandredactie van de NOS uit te leggen dat het niet een binnenlands maar regionaal probleem is. Pakistan en India vechten tot in de Afghaanse hoofdstad Kabul om deze noordelijkste deelstaat. Zolang Obama het niet aandurft een oplossing voor dit langstslepende conflict ter wereld te bedenken, wordt het in Afghanistan en de tribale gebieden van Pakistan ook niet rustig. De Pakistaanse geheime dienst die meehielp bij het trainen van militanten die aanslagen in Kashmir moeten uitvoeren, is ook de oprichter van de Taliban.
Een ander onderwerp is Chattisgarh met de maoÔsten. Dit conflict veegt India het liefst onder de tafel tot er weer vijftig politiemensen
<< Philip Freriks van het journaal verweet me ooit alleen maar zielige onderwerpen te maken >>
worden doodgeschoten en premier Singh moet erkennen dat de opstand uit de hand is gelopen. Dat is ook zo. Ik zag politiemensen in bunkers zitten en burgermilities, door de Indiase politie opgeleid, met geweren op slippers door de jungle lopen. Dan vraag ik me af of India werkelijk het conflict wil oplossen. Het centrum zit te ver van dergelijke grote problemen af en de politiek heeft het te druk met zichzelf.
Maar ik maak ook graag een reportage over mosterdboeren in de woestijn van Rajasthan. Daar zie je dat de purdah niet alleen binnen de islam bestaat, maar dat ook bij hindoes vrouwen zoveel mogelijk binnengehouden worden in vrouwenverblijven en zij slechts met een sluier de straat op mogen. In India zijn mannen dominant, niets vriendelijker of beter dan in het islamitische buurland Pakistan.
Of ik loop een dag mee op de bandenfabriek Apollo die net een nieuwe fabriek buiten Chennai, dat nu al het Detroit van India wordt genoemd, heeft geopend. Ik vind het namelijk ook heel interessant verhalen en reportages te maken over dat opkomende India als nieuwe marktspeler. Dus ik doe beiden: oog hebben voor de sociale kant dat er een legertje armen niet meekomt, niet meeprofiteert van de economische groei, maar ook hoe de nieuwe middenklasse zich ontwikkelt. Hoewel Philip Freriks van het journaal me ooit verweet alleen maar zielige onderwerpen te maken. Hij had het gevoel telkens zijn portemonnee te moeten trekken als er een onderwerp van mij werd uitgezonden.

Wat of wie zijn de meest voorkomende bronnen van informatie en bronnen van inspiratie voor geschikte onderwerpen?
Ik werk veel met lokale journalisten samen, niet met de internationale pers. Mijn bronnen zijn uiteenlopend. Ik check en bel alles na: ngoís, bedrijven, politici, alles en iedereen. Ik heb een lokale journalist die me een paar uur per week helpt en die ook mijn klankbord is.

Zijn er specifieke onderwerpen of taboes waarover het moeilijk is te berichten of betrouwbare informatie te vinden?
Kashmir, kinderarbeid en corruptie. Het is eenvoudig informatie over deze onderwerpen te vinden, maar de Indiase overheid stelt het niet op prijs. India is het land van de negen procent groei en zo wil het worden afgeschilderd. Ambassades in het buitenland monitoren je. In mijn geval leest en bekijkt de Indiase ambassade in Den Haag alles en sturen zij samenvattingen door naar Delhi, vaak slecht vertaald. Soms word ik bij het ministerie van Buitenlandse Zaken op het matje geroepen als een artikel ze niet aanstaat. Ik zet zelfs mijn werkvisum op het spel door in hun ogen bijvoorbeeld te veel over kinderarbeid te schrijven.

Wat is volgens jou het grootste misverstand over India in Nederland?
Nederlanders horen veel in de media over India als land van succesvolle economische groei. Het klopt dat deze groei plaatsvindt, maar het is maar een beperkt deel van de werkelijkheid.

Wat is volgens jou het grootste misverstand over Nederland in India?
Veel mensen denken dat we een provincie van Duitsland zijn en geen eigen natie. Ik hoor vaak dat ze nog een neef in Wenen hebben die ook ĎDeutchí spreekt. India kent Nederland nauwelijks. Alleen even tijdens het wereldkampioenschap cricket, maar toen verloor Nederland alleen maar.

Hebben de media invloed? Zijn zij toegankelijk? Betrouwbaar?
De media hebben invloed, maar journalisten moeten lang doorgaan om bijvoorbeeld een minister te kunnen spreken. Media worden niet zo serieus genomen. Ik zeg wel eens voor de grap: als je een dag de krant niet leest, heb je weinig gemist. Er zijn weinig mooie achtergrondverhalen of boeiende reportages, en juist teveel moord, doodslag en verkrachtingen met fotoís van de verdachte of het slachtoffer breeduit in de krant. Er is weinig journalistieke ethiek hier. Soms verschijnen er berichtjes in de krant waarin lezers wordt gevraagd een journalist geen geld te geven om hem te laten schrijven wat zij willen. Er zijn heel veel kranten. Die kosten weinig, omdat zij gesubsidieerd zijn. Je ziet wel iedereen hier kranten lezen. Veel meer dan in Nederland. Radio met nieuws zoals
<< Ik word op het matje geroepen als een artikel ze niet aanstaat >>
Radio 1 bestaat hier niet. Er is vooral veel commerciŽle televisie met bijna de hele dag hetzelfde, en alles is breaking news. Dat was erg wennen voor mij in het begin, maar het is vooral om adverteerders te lokken. Hier zie je dat moord en doodslag advertenties opleveren.

Hoe lang denk je nog in India te blijven als correspondent?
Ik ga in deze zomer terug naar Jakarta, maar blijf wel vanuit IndonesiŽ zoveel mogelijk op en neer reizen voor mijn vaste opdrachtgevers. Dat zal niet meer de NOS zijn. Na zeventien jaar nieuws heb ik er behoefte aan om mooie verhalen en lange producties te maken. Ook wil ik een boek schrijven hoe afgezaagd dat ook klinkt. Maar ik denk wel degelijk, zoals iedere correspondent dat denkt, dat ik wat heb toe te voegen. Ik laat India nog niet los en blijf graag de ontwikkelingen volgen. Maar dan meer menselijke verhalen, juist die tegenstellingen van armoede en rijkdom, want India is het allemaal.

xxx
terug
Dalits
HOME Landelijke India Werkgroep
tijdschrift INDIA NU
Landelijke India Werkgroep - 24 juni 2011