terug
Uit: India Nieuwsbrief 63 (nov-dec 1989)


Wankel politiek evenwicht
na verkiezingen



De negende algemene parlementsverkiezingen in India beloofden de meest spannende te worden in de geschiedenis van het land. Men vreesde dat er veel geweld zou worden gebruikt zowel omdat de twee kampen dachten evenveel kans te maken en omdat geweld in de Indiase politiek het laatste jaar duidelijk was komen opzetten.

Grote belangstelling in India, maar zeer weinig in Europa. Voor de televisie bleek India nauwelijks te bestaan. Alle aandacht ging uiteraard naar Oost-Europa en zelfs in de berichtgeving over India kon Oost-Europa moeilijk worden losgelaten. Voor Rob Vreeken in De Volkskrant van 25 november was het duidelijk dat "ook in India" het socialistisch ontwikkelingsmodel niet heeft gewerkt en hij was dan ook onomwonden in zijn conclusie: "Maar zelfs voor de paupers en daklozen is het op langere termijn beter als Rajiv Gandhi zijn beleid - liefst met hernieuwd elan - kan voortzetten. Want nu we toch onder elkaar zijn mag het best eens worden gefluisterd: leve het kapitalisme". De Volkskrant-schrijver heeft zich blijkbaar niet goed verdiept in wat zowel in Oost-Europa (de vernieuwing van het socialisme) als in India (de crisis van het kapitalisme) aan de hand is.

Ook Jurriaan Kamp in het NRC Handelsblad van 23 november laat zich in dezelfde zin uit: "Als er één reden is waarom premier Gandhi het verdient te worden herkozen in de parlementsverkiezingen die nu in India aan de gang zijn, dan is dat de bloeiende economie". Hij geeft toe dat het nu wel weer wat slechter gaat met de economie, maar dat komt omdat Gandhi het IMF beleid van vergaande liberalisering heeft losgelaten "onder druk van de conservatieve oude garde binnen zijn eigen Congrespartij - waarvoor de socialistische planeconomie nog geldt als het enige antwoord op de armoede". Het IMF beleid was goed, en de verkiezingen zijn door de westerse journalisten mede aangegrepen om die boodschap over te brengen.
En eigenlijk zijn de Indiërs dom omdat ze de juistheid van dat beleid niet willen inzien. Het zag er naar uit dat door de "laat-maar-waaien-mentaliteit die India's toonaangevende religie kenmerkt" de kiezers Rajiv niet "zullen belonen voor deze transformatie van de Indiase economie", aldus Kamp, de stem van de Nederlandse media in India.


    Na een eeuw

Honderd jaar na de geboorte van zijn grootvader, Jawaharlal Nehru, kwam Rajiv Gandhi voor de tweede keer oog in oog te staan met het Indiase volk. De eerste keer, tijdens de achtste parlementsverkiezingen vijf jaar geleden, bracht bijna de helft van de bevoking zijn stem op hem uit. Dat opmerkelijke resultaat was de Congrespartij eerder nog nooit beschoren geweest en alleen de waaghalzen durfden te voorspellen dat het snel bergaf zou gaan. Na drie jaar regering begon men Rajiv echter al te vergelijken met een politicus in een achtbaan: zijn topprestaties wisselden snel af met absolute laagtepunten.
De grootste zwakte van Rajiv Gandhi was zijn afgeslotenheid van de bevolking. Ongeveer 50.000 veiligheidstroepen gegroepeerd rond het elitekorps Black Cats zorgden voor zijn veiligheid en enkele adviseurs zonder al te veel politieke ervaring vertelden hem wat hij moest doen. Onverschilligheid tegenover de noden van het volk en tegenover de grote economische, politieke en etnische problemen van het land, dat was het imaqo dat Rajiv Gandhi heeft verworven. En zelfs bij de middenklasse, die wel degelijk van het economische beleid heeft geprofiteerd, ging zijn populariteit snel achteruit. Door zijn uiterst ongelukkige optreden in de Bofors affaire, de corrupte praktijken bij de aankoop van wapens bij het zweedse Nobel (!) bedrijf, bleven er alsmaar nieuwe druppels vallen die de emmer deden overlopen.
Ondanks de slechte voortekenen, ondermeer een afgang in tussentijdse deelstaatverkiezingen, ging Gandhi ervan uit dat het volk hem een tweede keer zou steunen. Ten dele heeft hij nog gelijk gekregen, want met meer dan een derde van de parlementszetels blijft hij de fractieleider van de grootste partij. Als dusdanig had hij een regering kunnen vormen, ook al maakten alle oppositiepartijen duidelijk dat zij met hem hoegenaamd niet in zee wilden gaan. Tot vier jaar geleden had hij nog de oude beproefde methode kunnen gebruiken, namelijk het opkopen van kamerleden, maar door een wetswijziging is dit soort paardenhandel nu verboden.
Dagen voor de verkiezingen wezen de ontwikkelingen aan dat Rajiv de electorale nederlaag politiek niet zou overleven. Hij was er niet in geslaagd schoon schip te maken binnen zijn eigen partij en had moeten toezien hoe zijn eigen lijst van preferenties onder tafel werd gevaagd en vervangen werd door een lijst waarin de partijbonzen duidelijk hun eigen mannetjes (en een vijftiental vrouwen) naar voren hadden geschoven. De meesten van de zittende kamerleden werden opnieuw kandidaat gesteld, en een waarnemer merkte dan ook gepast op: Gandhi wordt gedwongen om terug te gaan op zoek naar de toekomst. Hij was niet langer de man die de machtmakelaars in de partij kon aanpakken, en het lag voor de hand dat de regionale partijbonzen hem na de verkiezingen zouden laten vallen.
Toch is hij opnieuw verkozen als partijleider. Een en ander heeft te maken met de uiteenlopende regionale uitslagen. In de deelstaten waar traditioneel de machtmakelaars vandaan komen, de noordelijke Hindi-sprekende deelstaten, werd Congress weggevaagd en werden de mogelijke tegenstanders van Rajiv een kopje kleiner gemaakt. Zo bijvoorbeeld de minister-president van Uttar Pradesh, met meer dan honderd miljoen mensen de spil van het politieke gebeuren. In de zuidelijke deelstaten Andhra, Tamil Nadu en Karnataka daarentegen, waar Congress na de vorige verkiezingen practisch met lege handen kwam te staan en waar de mogelijke belagers van Rajiv al eieren voor hun geld hadden gekozen, deed de partij het erg goed, zo goed zelfs dat Rajiv Gandhi inmiddels heeft laten weten dat zijn partij de enige partij is die in heel India een basis heeft is en dat hij als leider dus de enige garantie blijft voor een verenigd India.


    Nationale rol voor Links Front

Rajiv Gandhi verdwijnt dus voorlopig als premier en moet het veld ruimen voor de Janata Dal (Volkspartij) van V.P. Singh, net zoals zijn moeder Indira Gandhi een stapje opzij moest zetten om de Janata Partij met Morarji Desai even aan de macht te laten en twee en een half jaar later weer in grote triomf kon terugkeren.
Voortdurend wordt in commentaren verwezen naar die periode van 1977 tot 1979. Zal de geschiedenis zich herhalen? Slechts weinig waarnemers hebben de overtuiging dat de regering van de Janata Dal de stormen langer zal kunnen trotseren dan de Janata Partij tien jaar geleden. De Janata Dal is wel coherenter dan de partij van tien jaar geleden. Toen had India net de noodtoestand achter de rug en sloten alle niet-communistische leiders zich in een roes van opwinding samen in een partij, en een gevecht om de macht tussen de diverse politieke stromingen kon niet anders dan uitbreken.
Met de Janata Dal ligt dat anders. Jaren zijn vooraf gegaan aan de vorming van de partij en de meeste dissidenten hebben zich in de aanloop naar de verkiezingen al afgekeerd, zodat de eenheid niet ter discussie staat. In de twee jaren dat de vorming van de partij tot stand kwam hebben de leiders geleerd met elkaar samen te werken en vooral ook ingezien dat samenwerking de enige kans op overleving betekent.
Alleen, en hier wringt de schoen uiterst vervelend, de Janata Dal heeft minder dan een derde van de parlementszetels. De vier regionale partners van het Nationale Front hebben slechts weinig zetels behaald, en de afhankelijkheid van de andere oppositie partijen zou de regering wel eens snel de nek kunnen omdraaien. Die oppositiepartijen zijn de rechtse BJP en de communistische partijen.
Het Linkse Front zal niet snel geneigd zijn de nieuwe regering te laten vallen. Met ongeveer tien procent van de zetels, het merendeel van de Communist Party of India (Marxist), vertegenwoordigt het Front een belangrijke stem in het parlement. Het zal de nieuwe regering aanspreken op gedane beloften, zoals bijvoorbeeld het wettelijk vastleggen op het recht op werk, het terugdraaien van de vakbondsbeteugeling en het decentraliseren van de macht, zodat de deelstaten weer meer in de pap te brokkelen krijgen. De aanhang van het Links Front is sterk groeiende en de grotere democratische ruimte die nu is ontstaan wil men gebruiken om de basisbewegingen verder uit te bouwen. De leider van de Janata Dal, nu premier, heeft een aantal keren verklaard dat Links zijn natuurlijke bondgenoot is en daar zal de CPIM hem aan houden. De Janata Dal kan men omschrijven als voorzichtig links van het midden, in elk geval linkser dan de Janata Partij van tien jaar geleden.
Het feit dat men afhankelijk is van de communistische partijen en dat deze partijen een groot mobiliseringsvermogen hebben kan tot enkele positieve ombuigingen van het beleid leiden. In elk geval zal het beleid voortdurend ter discussie komen te staan. Een van de dingen die V.P. Singh onmiddellijk zal invoeren is de autonomie van radio en televisie en de linkse partijen zullen daar zeker hun voordeel mee hebben.
Het is trouwens voor het eerst in de geschiedenis van het na-oorlogse India dat de communistische partijen op nationaal nivo een rol van betekenis gaan spelen.
Voorzichtigheid zal echter het uitgangspunt van het Linkse Front worden, want een val van de regering zal onherroepelijk leiden naar een terugkeer van de Congresspartij en het definitieve einde van het "volksfront" experiment.


    Het gevaar komt van de BJP

De Bharatya Janata Partij (Indiase volkspartij), die een kleine twintig procent van de zetels heeft gekregen, zal zich minder gelegen laten aan de chaos die zou kunnen ontstaan. De BJP spint politiek garen uit communalistische rellen en in enkele steden zijn de overwinningsoptochten al uitgemond in aanvallen op moslims en het instellen van de avondklok. Op die manier hoopt de BJP te bereiken dat de moslims en hindoes nog verder uit elkaar groeien. Het aanwakkeren van de verzuilingsstrijd, dat is wat de BJP voor ogen staat en de partij heeft nu al grote bezwaren tegen V.P. Singh. Twee dagen lang hebben ze geprobeerd zijn kandidatuur voor het premierschap te houden. De geslepen Chandrashekar, ooit Nieuw-Links binnen de Congrespartij maar altijd bereid om met alle winden mee te gaan en alle winden aan te wakkeren zag zijn kans schoon om Singh nu al te wippen. Singh heeft zich namelijk in de verkiezingsstrijd in niet mis te verstane bewoordingen uitgesproken tegen het hindoefundamentalisme van de BJP en het ligt voor de hand dat de nieuwe regering alleen dan gedoogd zal worden als enkele onderdelen van het BJP programma worden uitgevoerd. Met name moet dan gedacht worden aan de bouw van de Hindoetempel in Ayodhya op de plek waar nu een moslim moskee staat en het ongedaan maken van de aparte huwelijkswetgeving voor moslims.
Het bespelen van de godsdienstige sentimenten is een slechte zaak voor het land, maar niet voor partijen die hopen op het verzuilingsproces. Sinds Gandhi aan de macht kwam op een emotionele reaktiegolf van hindoe aanhangers tegen de Sikhs, zijn de leiders van de Congress aktief meegedraaid met het bespelen van de hindoes. Sinds enkele jaren brengt de nationale televisie Durdarshan twee episoden van de Ramayana en de Mahabharat, te vergelijken met het Nieuwe en het Oude Testament. Het benadrukken van de hindoe identiteit in een land dat toevallig ook nog het tweede grootste moslim land in de wereld is, kan alleen maar de tweespalt aanwakkeren.

Buiten de Congress om zijn een aantal hindoe organisaties hard aan de weg gaan timmeren en zijn Rajiv het gras voor de voeten weg gaan maaien. De Vishwa Hindu Parishad, een beweging die vijf jaar geleden nauwelijks aanhang had, is inmiddels een belangrijke machtsfaktor geworden. Samen met twee partijen, de Shiv Sena in de deelstaat Maharashtra en de BJP, hebben ze zich ze in de voorbije maanden alsmaar sterker opgeworpen voor de Hinduraj, India als land van de hindoes, waar de moslims weliswaar nog een plekje onder de zon krijgen, maar alleen dan als ze zich aanpassen aan de wetten van de hindoes. In tal van gebieden waar zich nog niet eerder godsdienstrellen hadden voorgedaan, zijn in september en oktober honderden doden gevallen. Zo bijvoorbeeld in de provinciestad Badaun in Uttar Pradesh, waar alles voorheen peis en vree was, en plots op 29 september rellen uitbraken nadat de deelstaatregering het Urdu van de moslims, mogelijk met het oog op de verkiezingen tot tweede officiële taal maakte. Terwijl de politie zich afzijdig hield, stopten de hindoe stormtroepen een trein en vermoorden alle moslims.
En terwijl het land in vlammen opging, speelde Rajiv op de viool, zoals destijds keizer Nero in Rome. De groeiende godsdiensttegenstellingen zijn het werk van organisaties die geen duimbreed in de weg worden gelegd en van een op zijn minst onfortuinlijk optreden van de regering in Ayodhya.

In Ayodhya bevindt zich een oude moskee. In de vorige eeuw al kwamen hindoe organisaties er achter dat toevallig op precies diezelfde plek de mythische figuur Ram (uit de Ramayana) geboren zou zijn en het duurde tot 1985, ten tijde van Rajiv, dat de hindoes de toestemming kregen om er een heiligenbeeld neer te zetten en te vereren. Maar de BJP en aanverwante organisaties wilden meer: op die plek zal een tempel gebouwd worden en die zal zo maar eventjes een miljard gulden gaan kosten. Om het tergen van de moslims nog verder ten top te drijven gingen de hindoe organisaties in heel het land bakstenen verzamelen en inwijden en in schreeuwerige optochten naar Ayodhya brengen. Godsdienstrellen waren daarbij niet van de lucht, en de hindoe handelaren maakten handig van de gelegenheid gebruik om de winkels van hun moslim-konkurrenten in vlammen te doen opgaan, en vice versa.

Niet in onze deelstaat, zei de Westbengaalse premier Jyoti Basu, als je stenen willen vereren doe je dat maar binnenshuis, maar niet op straat. West-Bengalen kent, ondanks een kwart moslims, geen godsdienstrellen en daar had Rajiv Gandhi een punt aan kunnen zuigen, maar zulk een verbod heeft hij niet willen uitvaardigen.


    Raja Saab Singh

Dit spelen met vuur zal door V.P. Singh niet worden herhaald. Singh is een gerespecteerde en sekuliere man. Men verwijst naar hem als Raja Saab, de heer prins, omdat hij tot een oude koninklijke familie behoort, maar hij is in het verleden nooit bereid geweest om politieke koehandel te bedrijven en zal het terugdringen van het hindoe communalisme tot een van zijn belangrijkste uitgangspunten willen maken. Als hij daartoe niet bereid mocht zijn, dan zal het Linkse Front hem zonder pardon laten vallen. Harkishen Singh Surjeet van de CPIM heeft dit als boodschap meegegeven aan de te vormen regering. De CPIM is in de laatste jaren meer en meer naar voren gekomen als de enige consistente verdediger van het secularisme en van de rechten van de minderheden en zal daar een centraal punt van maken.

V.P. Singh en Rajiv Gandhi

Singh zal eveneens de corruptie hard gaan aanpakken. Hij was de man die in de eerste jaren van het kabinet van Rajiv Gandhi een grootscheepse campagne opzette tegen belastingontduiking, het zwarte geld circuit en corruptie. In april 1987 was de corruptie binnen het kabinet de reden om op te stappen en het land in te trekken in een tot de verbeelding sprekende campagne. Het zwakke punt van Singh als de nieuwe premier is dat hij altijd bereid is om consequent op te treden: er zal niet veel voor nodig zijn om hem te doen af treden als zich binnen zijn eigen partijen gevallen van corruptie beginnen voor te doen.
Hij zelf heeft schone handen (zelfs voor zijn verkiezingscampagne weigerde hij mensen uit het bedrijfsleven die zijn verkiezingskas wilden spekken te ontmoeten), maar datzelfde kan niet worden gezegd van een groot aantal van zijn partijgenoten. Zeker niet van de vice-premier, Devi Lal, de sterke man uit deelstaat Haryana die als eerste een alliantie met de BJP is aangegaan.

Als de poppen aan het dansen gaan, staat mogelijk Rajiv Gandhi weer klaar om het roer over te nemen. Want één ding staat vast: Rajiv heeft bewezen, zeker ook tijdens de verkiezingscampagne, over een enorm uithoudingsvermogen en doorzettingskracht te beschikken. Hij zal zich niet uit het politieke leven terugtrekken.

XXX




begin document

tijdschrift India Nu

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 28 juli 2009