terug
Uit: India Nu 176 (nov-dec 2008)






Tata Nano legt dilemma bloot

Moderne ambities bedreigend voor boeren



De Tata Nano

Het ambitieuze plan voor de bouw van een fabriek bij de plaats Singur in West-Bengalen waar 's werelds goedkoopste auto, de Tata Nano, gemaakt moet worden, dreigt uit te lopen op een fiasco voor alle betrokkenen.


Het had zo mooi kunnen zijn. Het communistische bestuur van de CPI(M) in de deelstaat West-Bengalen heeft in de afgelopen tien jaar in stilte een ware revolutie beleefd met de allure van de perestrojka in de vroegere Sovjet-Unie. Van een stoffig, log en bureaucratisch apparaat dat wars was van welke vernieuwing dan ook, heeft de CPI(M) zich hervormd tot een moderne geoliede machine die inspeelt op de macro-economische ontwikkelingen. Naar Chinees model creëert de partij Speciale Economische Zones (SEZ) waar kapitalisme pur sang de toon slaat en de oude machtige vakbonden afwezig zijn.
De eerste resultaten waren hoopgevend voor de CPI(M), die deze omslag wel moest maken omdat de deelstaateconomie welhaast doodverklaard was met torenhoge werkloosheid en armoede als gevolg. De SEZ's trokken investeerders aan. Die genereerden in een opwaartse spiraal kapitaal, werkgelegenheid, meer bestedingen door burgers. De geplande bouw van een fabriek bij Singur in West-Bengalen, waar 's werelds goedkoopste auto, de Tata Nano, van de lopende band moet rollen, is in het licht van deze ontwikkelingen een prestigeproject voor de CPI(M). De deelstaateconomie was tijdens het bestuur van de partij in voorgaande decennia zeer slecht. De tomeloze macht van de vakbonden - dankzij actieve steun van de CPI(M) die zich hierdoor verzekerd wist van de stem van kiezers bij verkiezingen - remde de ontwikkeling van West-Bengalen en maakte het tot een van de armste deelstaten van India. De CPI(M) probeert daarom in sneltreinvaart een inhaalslag te maken. De investeringen in de SEZ's zouden in 2009 kunnen oplopen tot ruim twaalf miljard dollar en bijna 900 duizend banen creŽren. De belangen zijn dus groot.


  Botsende belangen

Maar de CPI(M) dreigt te struikelen over haar eigen ambities. Om bouwlocaties te vormen is land nodig. De regering wil dat land onteigenen van boeren en hen daarvoor financieel compenseren. Om verschillende redenen loopt juist die landonteigening bijzonder moeizaam en zou het hele project wel eens kunnen opbreken. Landbezit is een levensvoorziening voor toekomstige generaties in boerenfamilies. Maar voor de meeste boeren is landbezit

De Tata-fabriek in aanbouw
meer dan dat: het maakt hen sociaal geaccepteerd en geeft hen aanzien. Landelijk minister van financiën Chidambaram noemde dit aspect cruciaal in een reactie op de controverse rondom de landonteigening in West-Bengalen. Het is een factor die centraal staat in de snelle industrialisatie in heel India waar land voor nodig is. De moderniserings- en industriële ambities van de regering botsen met de belangen van de oude ruggengraat van de Indiase samenleving: de landbouw. Daarom zijn veel boeren terughoudend een compensatie te accepteren, en al helemaal met de haast die de deelstaatregering daarbij heeft. De boeren hebben weinig alternatief voor broodwinning en zij zijn hun aanzien kwijt als zij hun land hebben afgestaan.
Vraag is of de bouwlocaties per se op boerenland moeten komen, terwijl ruim vijftien procent van de grond in West-Bengalen ongeschikt is voor landbouw. Dat zou boeren tevreden en de lokale voedselproductie in stand houden. Maar industrieën hebben locaties nodig die niet te ver van de stad, havens en spoorlijnen liggen. Wil het project doorgaan, dan moeten de boeren dus wijken.
Tata Motors zelf heeft rond de tienduizend banen in West-Bengalen beloofd als de fabriek daar gebouwd kon worden. Maar dat zijn merendeels banen die voor hooggekwalificeerd personeel (onder anderen ingenieurs) zijn weggelegd. De boeren die hun leven lang niets anders hebben gedaan dan land bewerken, zullen daarom nooit in aanmerking komen voor die banen en grote kans lopen om werkloos achter te blijven.
Specifiek in West-Bengalen speelt nog een heel andere factor. De CPI(M) is in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw groot geworden door het voor de landloze boeren op te nemen. Grootgrondbezitters werden gedwongen land af te staan en dat werd herverdeeld onder landloze boeren. Nu is diezelfde CPI(M) bezig datzelfde land weer af te nemen van diezelfde boeren en met eenzelfde dwang. Dat zet veel kwaad bloed bij de boeren en is koren op de molen van de oppositie in de deelstaat.


  Protesten

Die oppositie, onder leiding van Mamata Banerjee's Trinamul Congress, rook onraad. Zij presenteerde zich als beschermvrouw van de boeren en organiseerde protestacties en blokkades rondom het fabrieksterrein bij Singur. Daarbij stelde zij dat de CPI(M) boeren gedwongen heeft land af te staan in ruil voor financiële compensatie. Zij

Mamata Banerjee
benadrukte telkens dat het haar doel niet was om de autofabriek weg te krijgen uit de deelstaat, maar om een eerlijker compensatie voor boeren te krijgen.
Ondanks haar nobele uitspraken, was de praktijk minder fraai. Iedereen die enigerlei steun verleende aan de bouw van de fabriek kon rekenen op bedreigingen. Zo werden boeren die wél akkoord waren gegaan met compensatie van de regering onder druk gezet om mee te doen aan de protesten. Ook moesten riksjachauffeurs die werknemers naar de fabriek brachten het ontgelden. Daarnaast stelde Banerjee zich uitermate star op en wees zij lange tijd elke onderhandelingspoging af.


  Onderhandelingen

In toenemende mate begon bestuursvoorzitter Ratan Tata van het familieconcern Tata zijn zorgen in de pers te uiten. Hij eiste veiligheid, onbelemmerde toegang tot het fabrieksterrein en een eind aan de bedreigingen door boeren aan het adres van zijn personeel. Regelmatig kon alleen onder begeleiding van politiekonvooien zijn personeel de fabriek veilig verlaten. Het Hooggerechtshof van Kolkata wees in rechtszaken de claim af van boeren die meenden dat hun land hen op onrechtmatige wijze was ontnomen. De rechters konden daarvoor geen bewijs vinden. Die uitspraak maakte geen eind aan de protesten. Integendeel.
Tata dreigde diverse malen de fabriek uit de deelstaat terug te trekken en naar andere locaties uit te kijken. Diverse deelstaten wilden de autofabriek binnenhalen, waaronder Karnataka en Maharashtra. Verhuizing van de fabriek naar een andere locatie zou een financiële strop betekenen voor het concern dat al 350 miljoen dollar heeft

Protestactie
geïnvesteerd in de bouw. Maar Ratan Tata liet duidelijk weten dat 'hoe hoog de kosten ook zullen zijn, de fabriek zal worden verplaatst als de toestand dat vereist'. Daarmee maakte de bestuursvoorzitter duidelijk dat hij de protesten zat was en voerde hij de druk op de betrokken partijen op om een oplossing te vinden.
De deelstaatregering van de CPI(M) en de boeren onder leiding van de oppositiepartij van Mamata Banerjee voerden onderhandelingen om een uitweg te zoeken uit de impasse. Tata nam geen deel aan deze besprekingen. Tegen de verwachtingen in bereikten de onderhandelaars een compromis. De protesten zouden gestaakt worden. De boeren zouden in ruil daarvoor een deel van het land terugkrijgen en de financiële compensatie zou verhoogd worden.


  Verlies

Ondanks de deal en een voorlopig einde aan de protesten was de sfeer nog altijd vijandig en gespannen. Die sfeer veranderde niet meer waarop voor Tata de maat vol was. Het concern trok zich definitief terug. 'Wij kunnen eenvoudigweg geen fabriek laten draaien onder permanente politiebegeleiding', zei bestuursvoorzitter Ratan Tata in een verklaring op het besluit. De gevolgen van het vertrek van Tata uit West-Bengalen door de protesten betekenen voor iedereen een verlies. Nog het meest lijken de gevolgen te overzien voor Tata. Hoewel het bedrijf honderden miljoenen dollars heeft geïnvesteerd, zal het verlies slechts op de korte termijn zijn en vooral financieel van aard zijn. In andere deelstaten ligt de rode loper uit voor de fabriek. De auto Tata Nano komt er hoe dan ook en zal een succes worden.
Zowel voor de oppositie als voor de deelstaatregering kunnen de gevolgen verstrekkender zijn: hun geloofwaardigheid staat op het spel. De deal bood voor beide partijen een kans om zonder verder gezichtsverlies een uitweg uit de impasse te vinden.
Mamata Banerjee's oppositionele Trinamul Congress speelde gevaarlijk spel. Met haar onwrikbare opstelling kan zij er de schuld van krijgen dat Tata zijn fabriek verplaatst naar een andere deelstaat. Dan heeft haar poging om sympathie te wekken als beschermvrouw van de boeren averechts effect gehad. Zij zal verantwoordelijk gehouden worden voor verder stagneren van de economie in West-Bengalen. Dat kan haar partij electoraal ernstig verlies opleveren.
Ook de regerende CPI(M) loopt dat risico. Het centrale dilemma voor de partij is hoe om te gaan met enerzijds de noodzaak tot verdere modernisering en industrialisatie van de deelstaat en anderzijds zorg voor de traditionele sector, de landbouw. De CPI(M) heeft er vol op ingezet om de economie nieuw leven in te blazen en de industrie te moderniseren. De terugtrekking van Tata zal andere bedrijven ervan weerhouden ook in de deelstaat te investeren, terwijl opening van de Tata-fabriek juist meer investeringen had kunnen aantrekken. De ambitie van de CPI(M) loopt nu door het vertrek van Tata grote vertraging op met blijvende werkloosheid en armoede tot gevolg. Bovendien is de partij tegen de eigen vertrouwde machtsbasis, de boeren, niet bepaald zachtzinnig opgetreden. Dat kan de CPI(M) bij verkiezingen duur te staan komen.
Maar de grootste impact heeft de situatie op de boeren. De kans is klein dat zij hun land zullen terugkrijgen, zelfs nu Tata vertrekt uit West-Bengalen. Daarmee zijn zij hun broodwinning en aanzien door land dat al generaties familiebezit is, kwijt. En breken onzekere tijden voor hen aan.

xxx



terug
Dalits
HOME Landelijke India Werkgroep
tijdschrift INDIA NU
Landelijke India Werkgroep - 10 juli 2009