terug
Uit: India Nu 136 (mrt-apr 2002)


Ayodhya en de keuze van de BJP

Pogroms in het land van de Mahatma


Oplopende spanningen tussen hindoes en moslims leiden in India steeds vaker tot geweld. In Orissa, Mumbai, Kashmir, Hyderabad en Kolkata kwam het tot fikse botsingen. Dramatisch dieptepunt, vooralsnog, kwam vorige maand in Gujarat. Moslims verbrandden een trein vol hindoeactivisten, waarna een ware pogrom volgde tegen moslims in de deelstaat. Deze orgie van geweld kostte honderden levens. Het is de ernstigste golf van religieus geweld sinds 1992/93 - toen hindoe-fundamentalisten in Ayodhya de Babri-moskee tot de grond toe afbraken. Opnieuw vervult 'de kwestie-Ayodhya' een hoofdrol. Het plaatst regeringspartij BJP voor een lastige keuze.

Op woensdag 27 februari brachten extremistische moslims, al dan niet getergd door leuzenschreeuwende en handtastelijke hindoenationalisten, even buiten het stadje Godhra in de West-Indiase deelstaat Gujarat de Sabarmati Express tot stilstand. De trein vervoerde pelgrims op hun terugreis uit Ayodhya, in Uttar Pradesh. Daar hadden ze een ceremonie bijgewoond voor de bouw van een Rama-tempel. Het bleef niet bij tegenhouden. De trein werd opzettelijk in brand gestoken en brandde volledig uit. Aan boord waren 58 mensen, waaronder 25 vrouwen en 12 kinderen. Ze verbrandden levend.


Orgie van geweld

Direct na deze gruweldaad barstte in verschillende steden en dorpen van Gujarat een dagenlang aanhoudende orgie van geweld los tegen alles wat moslim was. Daarbij kwamen volgens officiële cijfers minstens 815 mensen om het leven. Vooral moslims. Nog dagelijks ontdekt men nieuwe lichamen. Ook werden moskeeën, huizen en andere eigendommen verwoest. Duizenden moslims raakten alles kwijt en verblijven nu in provisorische kampen met geloofsgenoten, in de hoop dat die hen kunnen behoeden voor verder onheil. Bescherming van de deelstaatoverheid hoeven ze niet te verwachten, want die speelt in de rellen, en in het scheppen van het klimaat dat daartoe heeft geleid, een zeer dubieuze rol.

Volgens ooggetuigenverslagen liepen partijfunctioncirissen van de regerende Bharatiya Janata Party (BJP) niet zelden voorop bij de aanvallen. Evenals lokale leiders uit kringen van de Vishwa Hindu Parishad (de Wereldhindoeraad) en andere aanverwante organisaties. Deelstaatpremier Narendra Modi (ook BJP) bagatelliseerde de aanvallen op moslims door ze 'een natuurlijke reactie op het Godhra-incident' te noemen. Een groot deel van het institutionele apparaat zou volgens de berichten feitelijk ten dienste hebben gestaan van het fanatieke BJP-VHP-kader. De politie greep vaak niet in of - erger nog - deed mee aan de kant van de aanvallers. Slachtoffers werden doelbewust uitgekozen, mede op basis van officiële, niet zomaar toegankelijke gegevens uit bijvoorbeeld het kadaster. De aanvalsplannen waren duidelijk goed voorbereid. De verontwaardiging na de aanslag op de trein bood de stoottroepen van de hindutva-beweging, fundamentalisten die een India prediken uitsluitend van en voor 'de' hindoes, de gelegenheid hun plannen in praktijk te brengen. Pas na twee dagen riep de deelstaat de hulp in van het leger om het geweld te stoppen.


Een opgewonden menigte van circa 250.000 hindoenationalisten sloopt de Babri-moskee in Ayodhya, 6 december 1992 (foto: D. Ravindra Reddy)

Ayodhya-campagne

De hindoes die omkwamen in de Sabarmati Express namen deel aan de jongste Ayodhya-campagne van de VHP. Door grootschalige agitatie tracht de VHP het sentiment te doen herleven dat op 6 december 1992 een kwart miljoen opgewonden hindoes aanzette tot het afbreken van de Babri Masjid in Ayodhya. Deze moskee zou in de zestiende eeuw zijn gebouwd op de vermeende geboorteplaats van hindoegod Rama. Opzet nu: een begin maken met de bouw van een grote Rama-tempel bovenop de resten van de moskee.

Sinds najaar 2001 zorgt dit 'meestbesproken stukje India' weer voor veel onrust. Gevoed door de anti-islamsfeer ontstaan door (de nasleep van) de terroristische aanvallen op de VS, kregen de plannen voor de tempel nieuw momentum. Al vorig jaar op de Kumbh Mela hadden hindutva-leiders en sadhoes aangekondigd tijdens het Shivaratri-festival in maart 2002 te gaan beginnen met bouwen. Vanuit alle delen van het land verzamelden hindoe-pelgrims en -activisten zich de laatste maanden in Ayodhya om een bijdrage te leveren. Begin dit jaar waren al 25.000 kar sevaks ('vrijwilligers van God') ter plaatse. Ze werken vooral aan de bouw van een pelgrimsstad voor de honderdduizenden die worden verwacht als rechter en regering de tempelconstructie ooit toestaan. Vanwege toegenomen spanningen en gewelddadige incidenten, is het stadje sinds december afgesloten voor grote voertuigen. Kleinere voertuigen worden doorzocht op wapens. Ook verder gelden strenge veiligheidsmaatregelen.


Shivaratri-festival

In de campagne rond de Rama-tempel in Ayodhya speelt het Shivaratri-festival een belangrijke rol. Tijdens Shiv ratri, 'de nacht van Shiva', wordt de gelijknamige hindoegod geëerd. Dit jaar viel Shivaratri op 12 maart. De VHP kondigde aan tijdens het festival een puja (religieuze ceremonie) te willen houden in de kleine, tijdelijke Rama-tempel temidden van de resten van de Babri Masjid. Drie dagen erna zou worden begonnen met bouwen. Zo ver kwam het niet, geholpen door een breed gevoel van afgrijzen in de publieke opinie over de verse gebeurtenissen in Gujarat. De regering van Vajpayee zette in de dagen rond Shivaratri een enorme politie- en legermacht in om de kar sevaks uit de buurt van de omstreden locatie te houden. Dat lukte maar ternauwernood. Een nieuwe VHP 'deadline' ligt op 2 juni.

Dat de hindoenationalisten juist Shivaratri hadden willen aangrijpen voor symbolische daden, valt vooral te verklaren uit politieke motieven. De VHP benadrukt dit festival in een poging niet alleen hindoes aan zich te binden die Vishnu aanbidden, maar ook aanhangers van Shiva. Rama is een incarnatie van Vishnu, maar de VHP, en ook de BJP, wil niet alleen de zogeheten vaishnavieten vertegenwoordigen, maar alle hindoes. Door te kiezen voor Shivaratri als tijdstip voor de bouwceremonie, wordt 'Ayodhya' ook voor saivieten een kwestie van betekenis.


Tempeltoerisme

Op het terrein waar eens de Babri Masjid stond, mag geen puja worden gehouden. Toch bezoeken dagelijks grote groepen de provisorische tempel op de resten van de moskee. De door tienduizend militairen bewaakte moskeerestanten bevinden zich achter ijzeren hekken. Tussen de spijlen van de hekken door, en in gezelschap van de militairen, kunnen pelgrims een klein beeldje van Rama zien staan in een canvas tent tussen de brokstukken van de moskee. Aan weerszijden van het smalle pad dat naar de tent leidt, staan de gebruikelijke stalletjes met religieuze souvenirs. Veel stalletjes verkopen ook ansichtkaarten met een foto van minister van Binnenlandse Zaken L.K. Advani. Deze prominente BJP-politicus staat op de foto temidden van de extremisten die in 1992 de moskee vernietigden. De BJP is groot geworden dankzij het uitbuiten van de kwestie-Ayodhya. Advani liep daarbij voorop. De partij associeerde zich gretig met het hindoechauvinisme en maakte Ayodhya tot verkiezingsthema. Een belangrijke verkiezingsbelofte tijdens de campagne van 1998 - die de BJP landelijk in het centrum van de macht bracht - was het bouwen van de Rama-tempel.


Regeringspluche

Eenmaal in het regeringspluche wil én kan de landelijke BJP niet langer een één-issue partij zijn. De belangrijkste reden voor de relatieve terughoudendheid van de BJP (op federaal niveau) ten aanzien van Ayodhya is de wankele regeringsbasis. De partij leidt een ruim twintig partijen tellende coalitie, de National Democratic Alliance. Veel coalitiegenoten zijn uitgesproken seculier. Ze gingen pas met de BJP in zee nadat hardliner Advani als kandidaat voor het premierschap was vervangen door de gematigdere Vajpayee. De coalitiepartijen oefenen doorlopend druk uit op de BJP om de Ayodhya-plannen van de VHP niet te ondersteunen. In het regeerakkoord, de National Agenda for Governance, staan afspraken om geen 'betwiste issues' op te rakelen. De BJP heeft zich hieraan een paar jaar lang redelijk geconformeerd.

Over Ayodhya is binnen de coalitie afgesproken de slepende rechtszaak over het eigendomsrecht van het betwiste stuk land af te wachten. De zaak ligt al sinds 1961 bij het Hooggerechtshof in Allahabad. Hoe verstandiger de rechters, hoe langer dat zo blijft. Tot die tijd blijft volgens de afspraak de status quo gehandhaafd. Dat geldt ook voor de rest van de grond. Dat grootste, niet betwiste deel is weliswaar formeel van hindoeorganisaties die de tempel voorstaan, maar is door de regering na de sloop in 1992 in beslag genomen tot de rechter definitief uitspraak doet. Het is deze niet betwiste grond die de VHP nu opeist om er alvast tempelstructuren op te gaan neerzetten. Het uiteindelijke hart van de tempel staat gepland op het wel betwiste stuk grond. Overhandigt de regering de grond, dan wordt elk vonnis van de rechter betekenisloos. Gezien de tempelgebouwen er pal omheen, zou het praktisch onmogelijk worden alsnog een moskee neer te zetten.

Ondanks alle politieke ophef werken in werkplaatsen in Ayodhya en Rajasthan arbeiders al meer dan tien jaar gestaag aan onderdelen van de Rama-tempel. Alle 160 zandstenen pilaren nodig voor de uitvoering van het tempelontwerp zijn al klaar. Ze hoeven alleen nog geplaatst te worden. De VHP claimt dat de bouw van de tempel vanaf de dag dat de locatie eenmaal wordt vrijgegeven, nog 'maar' twee jaar zal duren.

Omstreden terrorismewet aangenomen

Op 26 maart heeft het Indiase parlement in een gecombineerde zitting van beide kamers een omstreden wet aangenomen tegen het terrorisme. De Prevention of Terrorism Ordinance (POTO), in december al tijdelijk ingesteld als presidentiële verordening, geeft overheid en politie zeer verreikende bevoegdheden ten aanzien van verdachten van terroristische activiteiten. Volgens oppositie, mensenrechtenexperts en NGO's leidt de wet tot schendingen van burgerrechten. In de Indiase context zullen dat vooral de rechten van moslims en andere minderheden zijn. Een week eerder werd de wet nog afgestemd in de Indiase Lok Rajya, waar niet de NDA-regering, maar de oppositionele Congrespartij overheerst. Daarop nam de regering van Vajpayee de zeer ongebruikelijke stap - sinds de onafhankelijkheid kwam het slechts twee keer eerder voor - om een gezamenlijke zitting te beleggen van Lok Sabha én Lok Rajya. Dankzij een meerderheid in deze dubbelsessie kreeg de regering de wet er alsnog door.

(The Washington Post, 27 maart 2002)

Nieuw thema

De afgelopen tijd, geholpen door de spanningen rond Kashmir en de aanslag op het Indiase parlement in december, vond de BJP een nieuw thema dat de partij zou moeten verenigen en de kiezers aanspreken: India's strijd tegen het (grensoverschrijdende) terrorisme. De BJP probeert zich te presenteren als een partij waarbij de nationale veiligheid in goede handen is, die het recht laat zegevieren en alle delen van de Indiase maatschappij gelijk behandelt. Het recent doordrukken van de anti-terrorismewetgeving (zie kader) is van deze nieuwe agenda wellicht het duidelijkste voorbeeld.

Het mocht niet baten. De BJP verloor in februari de deelstaatverkiezingen in Uttar Pradesh, Punjab, Uttaranchal Pradesh en Manipur. De enige grote deelstaat die nog bestuurd wordt door de partij, is Gujarat, waar volgend jaar verkiezingen zijn. Met name het verlies in Uttar Pradesh was vernederend, omdat die staat, met Ayodhya als belangrijkste thema, de bakermat vormde voor de opkomst van de BJP. Behalve met de slechte economische prestaties, heeft de nederlaag vooral te maken met weglopende kiezers uit de VHP-hoek. Zij keerden de BJP teleurgesteld de rug toe vanwege de standstill inzake Ayodhya.

De partij wordt nu dus als het ware 'op straat' ingehaald door haar eigen schaduw. Het blijkt niet eenvoudig het voor politieke doeleinden vrijgemaakte spook van het communalisme terug in de fles te duwen. Ondanks schuchtere pogingen tot het zoeken naar compromissen de laatste tijd. Een dure les, ook voor de relatief liberale premier Vajpayee, die zichzelf als seculier beschouwt en nooit echt gelukkig leek met zijn eigen achterban. De BJP zal nu toch echt moeten kiezen: ofwel alle seculiere 'maskers' laten vallen, ofwel een verantwoorde, nieuwe koers gaan varen en de confrontatie met de VHP openlijk aangaan. De kool en de geit sparen is niet langer een optie.


Schaamte


14 januari 1948, Delhi. Mahatma Gandhi op de tweede dag van zijn laatste vastenperiode. Wanhopig door de niet-aflatende wreedheden tussen moslims en hindoes, vastte Gandhi voor de vrede, desnoods tot aan de dood. Hij smeekte zijn landgenoten het geweld te staken. Twee weken later maakten drie kogels van een hindoefundamentatist een eind aan zijn leven.
Behalve de luidruchtige minderheid van hindoefanaten die het geweld tegen moslims steunen (en hun tegenhangers onder de moslims), zien zeer veel andere Indiërs - hindoe of niet - de recente gebeurtenissen als een schande voor de Indiase samenleving. Zij schamen zich voor hun extremistische landgenoten en vrezen schade voor de reputatie van India als seculiere staat. In Ahmedabad demonstreerden mensen met leuzen als 'stop terrorisme in de naam van hindoeïsme' en 'de bevolking van Gujurat wil vrede'. Tijdens bijeenkomsten in Mahatma Gandhi's Sabarmati-ashram werd het belang van Gandhi's ideeën voor de huidige Indiase samenleving benadrukt. Ook in Kolkata, Delhi en Mumbai protesteerden mensenrechtenorganisaties tegen religieus geweld. Prominent aanwezig bij demonstraties en in de pers is de Congrespartij, die iedere gelegenheid aangrijpt het geweld én het optreden van de BJP te veroordelen, hiermee proberend haar seculiere imago politiek optimaal uit te buiten.

Ondanks de vreselijke gebeurtenissen in Gujarat is de huidige confrontatie er in essentie niet één tussen hindoes en moslims. De confrontatie is tussen de regering, die de Indiase constitutie vertegenwoordigt, en de VHP. 'Ayodhya' symboliseert de kloof tussen seculiere Indiërs en hun extreem-chauvinistische landgenoten. Tussen aan de ene kant hen die beseffen dat de kracht van hun land verborgen ligt in de veerkracht van eeuwenoude religieuze en culturele tolerantie, en aan de andere kant hen die zich identificeren met slechts een deel van het eigen verleden. Welke kant kiest de BJP?

xxx


terug
begin document
HOME Landelijke India Werkgroep
tijdschrift INDIA NU
Landelijke India Werkgroep - 25 april 2002