terug
Uit: India Nu 142 (mrt-apr 2003)



Elmira Dachner schrijft

Open brief aan Mister India


De positie van vrouwen in India is op zijn zachtst gezegd 'niet optimaal'. Zoveel is bij de meeste mensen wel ongeveer bekend. Maar hoe diepbedroevend het Lot is dat weduwen en jonge bruiden regelmatig treft, weten maar weinigen. Bijgaande open brief van Elmira Dachner is een felle aanklacht tegen 'de' Indiase man om wat hij zijn vrouw, moeder en dochters aandoet. Dachner baseert zich

Dertig jaar geleden verloor Apa-ji haar toen 26-jarige, en zes maanden zwangere dochter. Sindsdien voert zij onafgebroken strijd tegen dowry (omslagfoto India Nu 142)
daarbij op veelvuldig gedocumenteerde feiten en uitgebreide persoonlijke ervaringen. Ofschoon de redactie zich er, net als de auteur, van bewust is dat de brief niet van toepassing is op alle individuele Indiase mannen, meent zij zowel de brief als de vergezellende foto's te moeten plaatsen. Hoe confronterend - en daardoor schokkend - dit ook kan zijn. De redactie doet dit in de hoop dat wat van deze publicatie blijft hangen niet slechts de aanklacht is, maar bovenal de oproep iets aan de situatie te veranderen.

Ik weet dat u van mening bent dat ik geen recht van spreken heb, niet over uw land mag oordelen. Omdat ik wit ben, en ook nog vrouw. Dubbelop gediskwalificeerd. Hoe zal ik ooit iets kunnen begrijpen van uw land, zegt u. Ik ben immers opgegroeid in een heel andere culturele traditie. U verwijt me mijn westerse blik, mijn onbegrip. Maar ik kan u vertellen dat ik veel en lang in uw land ben geweest. Zo leerde ik hoe ik respect kon afdwingen in uw omgeving. Door me bijvoorbeeld te kleden zoals uw dochter dat doet. Fatsoenlijk. De vorm van mijn borsten bedek ik netjes met een kleurige dupatta. En ik sla mijn ogen neer als u mij aanspreekt. Niet altijd, maar ik leerde de momenten aanvoelen waarop dat gepast was. Ook leerde ik uw taal. En u waardeert dat. U vindt het zichtbaar leuk als ik met uw vrouw en dochter in het Hindi praat. Dat moet ook wel, want zij zijn - in tegenstelling tot uw zoons - nauwelijks naar school geweest en spreken dus geen Engels. Uzelf wenst in het Engels te worden aangesproken door mij. Want dat past beter bij uw status. Ook dat leerde ik al gauw. In wezen veracht u mijn westerse achtergrond, maar u babbelt graag Engels met mij of met uw vrienden. Al met al werd ik in de loop der jaren een goede actrice. Ik wist op de juiste momenten de juiste rol te spelen. U waardeerde niet mij, maar de actrice in mij. Uw woorden 'just like an Indian woman' waren altijd als compliment bedoeld. En zo leerde ik uw land stapje voor stapje beter kennen. En ontdekte ik ook hoe dat respect van u en uw vrienden uit een heel oppervlakkig laagje bestaat. Daaronder gaat een grote minachting schuil voor alles wat vrouw is. Indiase vrouw of - erger nog - westerse vrouw.

Jazeker, op straat en in de tempel veinst u de juiste, alom gerespecteerde houding. Maar daarbuiten grijpt u iedere gelegenheid aan om uzelf aan uw vrouw op te dringen. Tegen haar zin. En het blijft niet bij uw eigen vrouw. Weet u nog? Die ene keer? U treft mij alleen in een koffiehuis in Delhi. U verontschuldigt zich met een hoop woorden en gebaren voor het feit dat u me zomaar aanspreekt. Vervolgens komt u té dicht naast me zitten. U ruikt naar zweet. U vertelt dat u

Back to basics: A school for brides
  • Marriages are breaking up these days due to increasing materialism and western influence, feels the teacher
  • So here, girls are taught qualities of an ideal daughter-in-law
  • Classes are held on how to behave with husband and in-laws
  • If in-laws are hostile, girls are taught to control anger, be tolerant
  • 4,500 girls have 'graduated' from this school so far. Ninety-nine per cent are leading a happy married life.
  • Advertentie voor een school in Bhopal....
    heeft vernomen dat ik een boek wil schrijven over uw land. Iets dat u erg aanspreekt, want u bent zelf ook een boek aan het schrijven. Over de
    Kama Sutra. En u maakt de opmerking dat mijn gezicht leest als een spiegel. U kijkt daar veelbetekenend bij en uw mond hangt een beetje open. Ik zie verkleurde tanden en een rode tong. Uw adem ruikt naar paan. U zegt dat u mijn persoonlijke Kama Sutra-goeroe wilt zijn. Iedere avond, in mijn hotelkamer. Ik vraag u of u soms denkt dat ik gek ben. U druipt af. Mompelt nog dat u hoopt dat we elkaar weer zullen treffen. Van de ober hoor ik een paar dagen later hoe u heeft rondverteld dat ik uit een verdorven gezin kom. Dat ik met iedere man slaap. Geen regels, geen geloof en geen principes. Een verdorven vrouw uit het verdorven Westen.

    Later spreek ik uw vrouwen dochters, de vrouwen van uw vrienden en veel vrouwen uit uw stad. We hebben het over gezin, liefde, seksualiteit en religie. Ze vinden het moeilijk om me in hun eigen woorden hun verhaal te vertellen, want ze zijn het niet gewend dat er iemand naar hun mening vraagt. Maar langzamerhand komen er verhalen en gevoelens los. En weet u? Mijn witte gezicht is best een voordeel! Ik ben geen buurvrouw die de verhalen veroordeelt omdat zij niet beter weet. Die de voorschriften en gedragsregels van de Puranas en Upanishaden met de paplepel ingegoten heeft gekregen. Ik ben buitenstaander. Maar wel een vrouw. En daarom is er dus toch een vertrouwensbasis.

    Eén van de vrouwen die ik spreek is uw moeder, Mister India. Daar schrikt u van? Dat kan ik me wel voorstellen, u heeft haar immers

    Asha, 19 jaar, dowry-slachtoffer
    in geen jaren meer gezien. Weet u nog hoe u me vertelde wat voor een fantastische vrouw ze was? Hoeveel u haar nog altijd respecteert? Dat niets haar ooit teveel was? Hoe goed ze kon koken? Hoe goed ze uw vader verzorgde? Hoeveel ze van hem hield en hoe verdrietig ze was toen hij stierf? U vertelde me hoe ze zich na zijn dood kleedde in de traditioneel voorgeschreven witte sari en nog maar één keer per dag at. Ze mediteerde veel voor de zielenrust van uw vader. Maar dat was nog niet genoeg, zo verzekerde u me danig ontroerd. Ze wilde de haar resterende jaren verblijven in een
    ashram, zodat ze zich geheel kon wijden aan spirituele zaken. Huilend liet u me haar foto zien, weet u nog? Uw loflied op uw moeder leek oprecht en ontroerde mij.
    Tot ik haar opzocht, Mister India. Ja, daar schrikt u natuurlijk van omdat u weet met welk verhaal ik nu ga komen. Uw moeder is door u en uw broers glashard het huis uitgezet. Ze werd te lastig, want ze wilde - terecht - aanspraak maken op haar erfdeel. En daar heeft u mooi een stokje voor gestoken. Door haar te dwingen de trein naar Vrindavan te nemen, een plaatsje niet ver van Delhi, waar veel weduwen verblijven. Alweer met een hoop
    Puranas en Upanishaden in uw afscheidsrede, dat wel. De hele rimram ligt u immers in de mond bestorven.

    U weet niet hoe het u moeder vergaat in de ashram? Ik wel, want ik zocht haar op in haar kleine, donkere kamertje. Dagelijks baadt ze daar een minuscuul Krishna-beeldje en doet ze het schone kleertjes aan. Als een kind dat haar popje liefkoost. Dagelijks zingt ze urenlang bhajans in de ashram, in ruil voor een handjevol rijst of linzen. Ook in deze devotionele liederen eert ze Krishna, en hoopt ze dat hij haar de bescherming zal bieden die haar eigen kinderen haar niet geven. Ze merkt er tot nu toe weinig van, maar ja, wat moet ze anders? Soms valt ze tijdens het zingen in slaap. Dan wordt ze door de opzichter ruw met een stok wakker gepord. Alsof ze een koe is, uw moeder, die met de kudde meegedreven moet worden. En dan zingt ze weer verder. Als ik haar na afloop tref heeft ze een klein kopje dal gekregen. De rest van de dag slijt ze met bedelen. En hoopt ze nog steeds tegen beter weten in dat u misschien spijt krijgt en haar komt halen. Maar dat gebeurt niet, hè Mister India? Want u bent een religieus man, is het niet? Van kop tot kont gevuld met principes. Net zoals al die mannen die vanuit hun oneindige religieuze goedheid enkele muntjes in de bedelkom van uw moeder werpen. En dagelijks nederig en blootsvoets in de tempel hun goden eren. Maar zodra ze weer thuis zijn, commanderen ze hun vrouwen en verkopen ze hun dochters, zoals ze uw moeder destijds aan uw vader verkochten.

    Twaalf was ze, en uw vader al een stuk ouder. En ze was zo bang voor zijn toenaderingen. Ze wist dat ze niet aan hem kon ontsnappen en dus liet ze hem zijn gang maar gaan. Huilde stille tranen als hij ruw bij haar naar binnen stootte. Zo bent u verwekt, Mister India. Na haar vierde kind, uw jongste broer, vond uw vader het genoeg. Hij vond uw moeder een onaantrekkelijke en afgeleefde vrouw, en dat terwijl ze nog zo jong was. Ze werd afgedankt, moest alleen nog zorgen voor het eten en het huishouden. Uw vader kwam nog steeds wel aan zijn trekken, nu buiten de deur. Aan zijn plicht van vader en hoofd van het huishouden had hij ruimschoots voldaan, vond hij. Weet u eigenlijk dat er in dat

    Guriya, 22 jaar, dowry-slachtoffer
    bordeel veel jonge weduwen uit Vrindavan werken? Geronseld nadat ze aankwamen in de
    ashram. En uw moeder? Zij hunkert nog altijd naar liefde. Naar aanraking. Bij gebrek daaraan baadt ze haar beeldje. Trekt ze het mooie, schone poppenkleertjes aan, iedere dag weer.

    Onlangs sprak ik trouwens ook met één van uw dochters. Dat was erg moeilijk, want ze was stervende. Ik trof Rani in een regeringsziekenhuis, waar ze op een smerig plastic zeiltje twee dagen had liggen wachten op een arts. Nu had ze dan eindelijk een infuus gekregen, maar de voorgeschreven antiseptische crème en antibiotica kon ze niet betalen. Dus moest ze het doen met niks en pijn. Het kostte heel wat moeite om haar alleen te spreken te krijgen. Steeds was haar echtgenoot in de buurt, de man die u voor haar uitgekozen had toen ze nog maar net veertien jaar was. Een jaar later moest ze naar hem en zijn familie toe, naar een andere buurt in dezelfde stad. Weet u nog hoe ze huilde? Ze wilde niet, vond haar man niet aantrekkelijk, wilde niet bij haar familie weg. Maar ze moest, want de buurt zou schande spreken als ze zou weigeren. En in de buurt staat u bekend als een goed man, iemand die de traditie van zijn land hoog houdt. Kortom, een man van eer. Dus zette u door en stuurde haar weg. Nog geen jaar later beviel zij van een dochtertje, uw eerste kleinkind. Dat was een tegenvaller voor uw schoonzoon, want hij had liever een zoontje zien komen. En nu hij en zijn moeder er nog eens over nadachten, vonden ze de bruidsschat die u had betaald ook altijd al wat aan de magere kant. Want u beloofde een kleurentelevisie, maar gaf een zwart-wit exemplaar.

    De gevolgen waren verschrikkelijk. Want op een dag kwam Rani thuis. Vroeg om een kleurentelevisie. Ze huilde, vertelde over de klappen die ze van haar man kreeg, smeekte om wat extra geld waarmee ze de vrede voor enige tijd kon afkopen, voor haar en haar dochtertje. Maar u werd boos. Hoe ze het in haar hoofd haalde, met uw eenvoudige kantoorbaan kon er niks meer af. En Rani had drie zussen, hoe moest u in hemelsnaam hun bruidsschat ooit opbrengen? Dus ging Rani terug naar haar sasural, haar schoonouderlijk huis. Terug naar de klappen en de vernederingen. Tot haar echtgenoot het op een dag zat is. Boven zijn sweetshop in een drukke winkelstraat steekt hij zijn echtgenote in brand. Hij overgiet haar met kerosine en zijn moeder houdt er een lucifer bij. Een tweede huwelijk en een hogere dowry komen binnen bereik. Zo simpel gaat dat. Maar eerst moet definitief een eind gemaakt worden aan het eerste huwelijk.

    Moord en brand wordt er geschreeuwd: een ongeluk in de keuken! Een ontplofte kerosinebrander! Met vereende krachten wordt Rani naar het regeringsziekenhuis gebracht. Een formulier, een smerig bed, nauwelijks of geen hulp. Haar echtgenoot wijkt geen seconde van haar zijde. Nee, Mister India, niet bezorgd om zijn vrouw, uw dochter, maar bang dat de waarheid boven tafel zal komen. Dus moet hij zorgen dat Rani met niemand spreekt - zeker niet met mij. Wel vraagt hij mij met tranen in zijn ogen om geld voor medicijnen, dat hoort in India immers niet bij de zorg van het ziekenhuis. En dan zie ik mijn kans schoon. Stuur hem weg, met mijn geld en een boodschappenlijstje voor medicijnen. Zodat ik wat tijd zal hebben met Rani. Voor de zoveelste keer krijg ik een zelfde verhaal te horen. Altijd weer gaat het om dowry, om nog meer. De ene keer is het een koelkast, de andere keer een scooter, dan weer een televisie. Niet zelden gaat het om een aanzienlijk bedrag contant geld.

    Sheela, 22 jaar, dowry-slachtoffer
    Ik zit aan haar bed als Rani na vijf dagen sterft. Haar geblakerde lichaam uitgeput en uitgedroogd. Haar schoonfamilie laat haar in katoen wikkelen, met een fietsriksja wordt ze naar de Ganges gereden en zonder verdere plichtplegingen vanuit een roeiboot in het water gedumpt.

    Ja, Mister India, we leven in een gekke tijd. Zeven astronauten, waaronder de Indiase Kalpana Chawla, storten ter aarde en de wereld huilt. Staatshoofden sturen condoleances naar Amerika en Israël en onder aanvoering van de media, CNN voorop, zingt iedereen een partijtje mee in het koor van gedeelde smart en gekrenkte nationale trots.
    Verliezen we de proporties niet een beetje uit het oog? Vindt u het niet ook ronduit ergerlijk, de overdreven aandacht voor dit ene bedrijfsongeval, terwijl elders in de wereld dingen gebeuren die in verhouding veel ernstiger zijn? Het is maar een greep, en het speelt zich allemaal in hetzelfde etmaal af als het neerstorten van het ruimteveer Columbia: vijftig doden in een brandend kantoorpand in Nigeria. Dertig doden in een hotel brand in China. En volgens schattingen elke dag zo'n 75 vrouwen in India die levend in brand worden gestoken, overgoten met kerosine en een lucifer erbij, omdat de bruidsschat onvoldoende wordt bevonden. Dochters en echtgenotes van gerespecteerde mannen zoals u. Hoe nu verder, Mister India?

    Elmira Dachner
    Foto's: Stichting Nagwa
    Reacties: elmiradachner@hotmail.com

    Bruidsschatmoorden: enkele feiten

    De Indiase overheid nam in 1961 een wet aan die het geven en nemen van dowry strafbaar stelt. Zie voor deze wet bijv: http://www.sudhirlaw.com/DOWRYACT.htm.

    Uit officiële bronnen zoals van The National Bureau of Investigation (NBI) blijkt dat er 16 vrouwen per dag sterven als gevolg van dowry-gerelateerde misdrijven. Onofficiële bronnen stellen dat het om minimaal 75 vrouwen per dag gaat.
    Tevens stelt het NBI vast dat er elk jaar 2000 vrouwen zelfmoord plegen omdat zij de druk om meer bruidsschat niet meer aankunnen.

    De auteur van dit artikel sprak gedurende enkele maanden meerdere malen per week met vrouwelijke slachtoffers op de brandwondenafdeling van een regeringsziekenhuis in Noord-India. De meeste vrouwen lagen er als gevolg van een aanslag op hun leven (dan wel een zelfmoordpoging) die met dowry te maken had, en vrijwel geen van hen had aangifte gedaan (zij komen dus niet voor in de statistieken van het NBI). Angst was de meest genoemde reden. Bijna alle vrouwen op deze afdeling stierven binnen enkele dagen aan de gevolgen van hun brandwonden. De auteur is er daarom van overtuigd dat het eerder 75 dan 16 vrouwen per dag zijn, die sterven aan de gevolgen van een dowry-gerelateerde aanslag.



    terug
    begin document
    HOME Landelijke India Werkgroep
    tijdschrift INDIA NU
    Landelijke India Werkgroep - 14 mei 2003