Nieuwe deelstaat Telangana in de maak?

Een geschiedenis van onderdrukking en verzet


Al tijden rommelt het in Telangana, de noordwestelijke regio van Andhra Pradesh. Het laatste jaar laaiden de demonstraties en protesten door voor- en tegenstanders van afscheiding van het gebied hoog op. Een rapport over de kwestie van begin dit jaar voorzag in een aantal opties. Maar de straten van Hyderabad blijven voorlopig onrustig. Hoe is het zo gekomen?

Ik loop door de mij zo vertrouwde straten van de oude stad van Hyderabad, temidden van het bekende gewemel van claxonnerende tweewielers, ronkende autoriksja’s en het murmelende geluid van duizenden mensen. Zoals altijd het bonte tafereel van kleurige sari’s en zwarte niqaabs, die hier boerka’s heten. Maar deze keer is het straatbeeld anders dan anders. Overal staan in kleine groepjes de ordetroepen van het Indiase ministerie van Binnenlandse Zaken met hun kaki uniformen en automatische geweren. Ik vraag me af wat er aan de hand is. Het is geen december, wanneer de verwoesting van de Babri-moskee in Ayodhya wordt herdacht en er altijd spanningen zijn tussen de moslims en hindoes van deze stad. Het is ook niet de tijd van de grote hindoefestivals, die ook wel eens aanleiding zijn voor ongeregeldheden. Wat is het dan wel, vraag ik mijn Indiase vriend. Hij antwoordt kort: ‘the Telangana issue’ en onmiddellijk begrijp ik wat er aan de hand is.

Weinig gemeenschappelijks
Telangana is de noordwestelijke regio van de deelstaat Andhra Pradesh, met Hyderabad als hoofdstad. Het bestaat uit Hyderabad en een negental omliggende districten en vormt het zuidelijke deel van het Deccan-plateau. Het klimaat is halfdroog en er is een constant tekort aan water. De boeren moeten voortdurend sappelen om aan de kost te komen. De beide andere delen van Andhra Pradesh, de kuststrook en Rayalaseema, zijn vruchtbaarder en daardoor welvarender. Het kustgebied met zijn twee rivierdelta’s en grote irrigatiewerken is de rijstschuur van Zuid-India. Vroeger werden hier de meest kostbare diamanten gevonden en vandaag de dag worden er zoetwaterparels gekweekt.
Het gemeenschappelijke van deze drie gebieden is dat Telugu de belangrijkste taal is. Maar dat is zo’n beetje het enige. Want Andhra Pradesh is geen historische eenheid, maar een moderne constructie. In 1951 werd er in India een bestuurlijke reorganisatie doorgevoerd. Het kustgebied en Rayalaseema werden afgesplitst van de vroegere Madras Presidency en omgevormd tot de nieuwe deelstaat Andhra Pradesh. Dat vormde geen probleem. In beide regio’s was Telugu de voertaal en het hele gebied behoorde sinds het midden van de negentiende eeuw tot het door de Britten gecontroleerde Madras State. Maar in 1956 werd er opnieuw op grote schaal gereorganiseerd op basis van gemeenschappelijke taalgebieden. En zo werd Telangana, waar door een groot deel van de bevolking een Telugu-dialect werd gesproken, onderdeel van Andhra Pradesh, met Hyderabad als gemeenschappelijke hoofdstad. Naar de mening van de bevolking werd niet gevraagd. Dat was toen niet de gewoonte. De problemen begonnen.

Moslimoverheersing
In de veertiende eeuw werd Telangana veroverd door mosliminvallers en in het begin van de zeventiende eeuw kwam het gebied onder controle van de Mogols, de islamitische keizerlijke dynastie in Delhi. Na het verdrijven van de Mogols door de Britten halverwege de negentiende eeuw ging het gebied verder als Hyderabad State. De moslimheersers bleven er de baas en de Britten hielden op afstand toezicht.
De langdurige aanwezigheid van de moslimheersers had grote invloed op de economie en cultuur van Telangana. Toen de Mogols rond 1600 het gebied veroverden, introduceerden zij hun eigen middeleeuwse manieren om de regio te besturen. En zo werd het van oorsprong Centraal-Aziatische principe van het ‘jagirdari-systeem’ ingevoerd op het Deccan-plateau. Dit feodale systeem van verdeel-en-heers, vergelijkbaar met het toen in Europa gebruikelijke leenstelsel, werd de centrale bestuursvorm en bepaalde de economische structuur van het platteland. Er waren edelen, de jagirdari, die zich in bijzondere mate hadden ingezet voor de belangen van de heerser. Zonder uitzondering waren dat moslims, behorende tot een beperkt aantal Mongoolse, Arabische en Turkse families. Als beloning kregen ze een deel van de opbrengsten van een of meerdere dorpen. Het enige wat ze vervolgens moesten doen, was het zorgen voor een efficiënt systeem om deze opbrengsten te innen. Zo werden ze slapend rijk. De kleine boeren die het toch al moeilijk hadden met de droge en weerbarstige grond, betaalden eeuwenlang de rekening. Het gebied werd armer en armer. Naast de jagirdari in de steden was er nog een tussenlaag van herenboeren of landlords, in Telangana de kaste van de Reddy’s. Ook zij moesten hun deel van de buit hebben en zo ontstond er een onzalige samenwerking tussen de islamitische jagirdari in de steden en de hindoeïstische landheren op het platteland.

Shocktoestand
In 1947 viel het toenmalige Brits-Indië uiteen in het overwegend hindoeïstische India en het islamitische Pakistan. Hyderabad State echter, waarvan Telangana een belangrijk deel was, bleef nog enige tijd onafhankelijk. Op basis van de scheidingswet kon de vorst of Nizam kiezen tussen aansluiting bij India of bij Pakistan. Maar Pakistan was ver weg en de Nizam wilde zijn onafhankelijkheid bewaren en gokte op een afspraak daarover met de Unie van India. Er begonnen onderhandelingen en ondertussen versterkte de Nizam zijn militaire en politieke positie. Hij bracht zijn leger op sterkte en tolereerde de opkomst van een fanatieke moslimmilitie, de Razakars. Deze Razakars organiseerden en bewapenden zich en hielden huis op het platteland waar verzetsstrijders van de Congrespartij actief waren. In september 1948 was het geduld van Delhi op en Indiase militairen en tanks vielen van alle kanten Hyderabad State binnen. De ongelijke strijd duurde vijf dagen en kostte meer dan duizend mensen het leven.
Aan zeshonderd jaar onderdrukking door buitenlandse overheersers was een einde gekomen. De plattelandsbevolking reageerde de eeuwenlange frustraties af. Bijltjesdag was gekomen en op het platteland werden meer dan honderdduizend moslims vermoord. Zij die geld hadden pakten hun biezen en emigreerden naar Pakistan. Wat achterbleef was een moslimminderheid die volledig berooid was en in een voortdurende shocktoestand verkeerde. Het zaad voor toekomstige problemen was daarmee gezaaid. Sindsdien wordt de oude stad van Hyderabad geplaagd door steeds weer terugkerend geweld tussen moslims en hindoes, met soms honderden doden als gevolg.

Communisten en maoïsten
De eeuwenlange en stelselmatige onderdrukking van de plattelandsbevolking door de hindoeïstische landlords en de islamitische jagirdari wekte natuurlijk weerstand. Vanaf de jaren twintig van de vorige eeuw kwamen communistische agitators vanuit
<< Uit protest trad driekwart van de parlementsleden van Andhra Pradesh af >>
Andhra’s kustgebied naar Telangana om de boodschap van bevrijding door het communisme te verspreiden. In de loop van de jaren veertig boekten zij steeds meer succes. Kort voor de machtsovername door het Indiase leger in 1948 hadden de communisten meer dan tweeduizend dorpen in Telangana tot bevrijd gebied verklaard. Zij werden bestuurd door gekozen sovjets en droegen geen afgedwongen belasting of huur meer af. De oude bazen werden waar mogelijk voor volksrechtbanken gedaagd en berecht. Vele leden van het ancien régime werden vervolgens geëxecuteerd. De toegenomen invloed van de communisten noopte de Nizam van Hyderabad State ertoe om medio 1948 een niet-aanvalsverdrag met hen te sluiten op voorwaarde dat zij zich zouden verzetten tegen een eventuele Indiase machtsovername. Daar kwam in de praktijk niets van terecht en de strijd werd ook na de val van Hyderabad State voortgezet, zij het tegen een andere tegenstander. Begin jaren vijftig zette het Indiase leger de aanval in en in een paar jaar tijd werd het ‘bevrijde’ gebied terugveroverd. Meer dan vierduizend revolutionairen werden gedood. Toen besloten de communisten de strategie te wijzigen, de gewapende strijd te staken en het verder via de parlementaire weg te proberen. Maar in 1980 begonnen zij opnieuw met een gewapende guerrilla. Deze keer waren het de (verboden) maoïsten die de wapens opnamen en veel steun kregen in het arme noordelijke deel van Telangana. Ook zij moesten uiteindelijk buigen voor het Indiase leger. Momenteel is er nauwelijks meer sprake van een gewapende maoïstische ondergrondse in Telangana. Misschien mede omdat het verzet van de bevolking zich op een andere manier uitte.

Toenemende wrevel
Door de eeuwen heen vertegenwoordigden de moslimheersers slechts een kleine minderheid van de bevolking. Zij probeerden door middel van verdeel-en-heers systemen de controle over het gebied te houden. Naast het jagirdari-systeem was het de regel om lokale en regionale ambtenaren vanuit de plaatselijke bevolking te benoemen. Zo konden de centrale machthebbers de plaatselijke ambtsdragers aan zich binden. Het uiteindelijke resultaat was dat de bevolking van Telangana op lokaal en regionaal niveau werd bestuurd door haar eigen mensen, die op hun beurt weer loyaal waren aan het centrale gezag in Hyderabad. Maar na de inlijving in de Unie van India hield dit systeem plotseling op te bestaan. Omdat Telangana in 1956 deel ging uitmaken van Andhra Pradesh werden steeds vaker ambtenaren vanuit de twee andere regio’s van de deelstaat benoemd. Dit leidde tot een toenemende wrevel onder het traditioneel grote ambtenarencorps van Telangana. Daarnaast mocht voorheen geen grond verkocht worden aan mensen van buiten de regio, maar ook hier kwam een einde aan na de machtswisseling en de vorming van Andhra Pradesh. De schrale en droge grond van Telangana bracht weinig op en was goedkoop. Veel land kwam zo in handen van opkopers van buiten de regio. Dat bracht veel ontevredenheid en verzet van de plaatselijke landeigenaren met zich mee. Zij voegden zich bij het verzet van studenten en ambtenaren.

Verzet
Vanaf de jaren zestig begon het verzet vanuit een tweetal haarden te groeien. De eerste en belangrijkste was de Osmania Universiteit in Hyderabad. Dit is de belangrijkste universiteit van Andhra Pradesh, ooit gesticht door de Nizams met als doel om een leidende rol te gaan spelen in de Indiase universitaire wereld en dan vooral op het gebied van het Urdu, de taal van de meeste moslims in India. Na de val van de Nizams heeft de universiteit zijn vooraanstaande rol als intellectueel centrum van Telangana behouden. Van tijd tot tijd kwamen de studenten in opstand tegen de overheersing door de rest van Andhra Pradesh en de culturele en economische achterstelling als gevolg daarvan. Vooral het verwijt dat het ontwikkelingsgeld van de centrale regering in Delhi voor de negen achtergestelde districten van Telangana niet goed werd besteed en verdween in andermans zakken, deed grote aantallen studenten en docenten de straat opgaan. Publieke onlusten met vele doden en gewonden waren het gevolg. Steeds weer moesten ordetroepen vanuit Delhi de rust herstellen. Maar de situatie veranderde niet of nauwelijks en het verzet bleef broeien als een veenbrand om van tijd tot tijd uit te slaan.
De andere constante verzetshaard was die van de ambtenarenorganisaties, met bij elkaar zo’n miljoen leden. Steeds weer kwam het tot stakingen, demonstraties en blokkades van (spoor)wegen. Hun belangrijkste bezwaar was het benoemen van ambtenaren van buiten Telangana. Daardoor werden hun carrièrekansen beperkt en hun macht ingeperkt.

Nieuwe kansen
Begin jaren tachtig werd het verzet gepolitiseerd door de oprichting van een politieke partij die streefde naar een eigen staat voor Telangana. De eerste decennia waren moeilijk voor deze politieke beweging. Om in India op centraal niveau iets voor elkaar te krijgen, heeft een regionale politieke partij altijd de steun van een landelijke partij nodig. Dus is een coalitie
<< Het verzet in Telangana zal blijven >>
met hetzij de Congrespartij, de hindoe-nationalistische BJP of met een van de linkse partijen nodig. Vaak ging het daarmee mis, maar sinds het begin van deze eeuw heeft de pro-Telangana-beweging de wind weer in de zeilen. Een nieuwe nationalistische partij werd opgericht: de Telangana Rashtra Samithi (TRS). Deze partij krijgt bij verkiezingen steeds het overgrote deel van de regionale stemmen en is een factor van betekenis geworden. Een aantal jaren geleden werden er coalitieafspraken gemaakt met de Congrespartij. De door deze partij geleidde coalitie is de laatste jaren aan het bewind in zowel Delhi als in Hyderabad en daarmee kreeg de beweging nieuwe kansen. De druk nam toe. Een van de politieke leiders ging in hongerstaking en wilde niet eten voordat Delhi instemde met een eigen staat voor Telangana. Deze actie genereerde landelijke en zelfs internationale publiciteit. De Congrespartij moest een beslissing nemen.

Wat nu?
Begin 2010 hakte de Congrespartij de knoop door: Telangana zou een aparte deelstaat worden met Hyderabad als hoofdstad. Onmiddellijk gingen de mensen de straat op. Vooral in Hyderabad werd het gevierd. Maar ook de tegenstanders van de splitsing mobiliseerden zich. Er braken gevechten uit met doden en gewonden tot gevolg. Ordetroepen werden ingevlogen en er werd een uitgaansverbod ingesteld. Het was weer even oorlog in de straten van de metropool. Maar ook op politiek niveau werd er fel geprotesteerd. Driekwart van de parlementsleden van Andhra Pradesh trad af uit protest en het politieke leven werd verlamd door wat inmiddels de ‘Telangana issue’ was gaan heten. De landelijke politiek ging zich ermee bemoeien. In Delhi ging de BJP fel tekeer tegen de Congres-coalitie en voerde de druk op. Het zwaartepunt vormde de positie van Hyderabad. De rest van de deelstaat wilde deze economische motor niet missen en claimde de stad terug. Goede raad was duur en er werd naar goed Indiaas gebruik een regeringscommissie benoemd. Begin 2011 bracht deze rapport uit en er werd een aantal mogelijkheden voorgesteld. Maar geen van deze opties voorzag in een ongedeeld Telangana met Hyderabad als eigen hoofdstad. Dus vlamde het protest opnieuw op. Feller nog dan daarvoor, want inmiddels waren de politieke panelen gaan schuiven. De Congres-coalitie is door onder meer de stijgende voedselprijzen en enkele geruchtmakende omkoopschandalen uit de gunst geraakt. De BJP ruikt de kans om de volgende landelijke verkiezingen te winnen. Voorstanders van een eigen Telangana willen dat nog in deze regeringsperiode de afscheidingswet wordt ingediend en aangenomen. Vandaar de ordetroepen overal in de stad. De Congrespartij aarzelt en de nationalisten willen verder. Hoe gaat het aflopen? Dat zal worden bepaald door de onvoorspelbaarheid van de Indiase politiek. Hoe dan ook: het verzet in Telangana zal blijven. Want het gebied is getekend door een eeuwenlange geschiedenis van repressie, onderdrukking en verzet. Die tijden willen de bewoners zeker niet terug. Ze willen nu hun lot in eigen handen nemen.

XXX

terug
Dalits
HOME Landelijke India Werkgroep
tijdschrift INDIA NU
Landelijke India Werkgroep - 15 januari 2014