terug
Uit: India Nu 116 (nov-dec 1998)


Vredesbeweging stroomopwaarts de berg op

Kernwapens niet voor iedereen vanzelfsprekend


In India Nu 107/108 (mei-augustus 1997) stond een artikel onder de kop 'Oorlog hoeft niet'. Het artikel was gewijd aan het 'Pakistan-India Peoples' Forum for Peace and Democracy', dat in 1993 op de VN-mensenrechtenconferentie in Wenen is ontstaan. Het artikel verscheen op het moment dat de eerste voorzichtige schreden door de overheden van India en Pakistan werden gezet op de weg naar de onderhandelingstafel. Door de kernproeven is de situatie opnieuw gewijzigd. In beide landen schieten nu ook de vredesbewegingen als paddestoelen uit de grond.

Vlak na de kernproeven werd door de overheden in beide landen geclaimd dat de hele bevolking achter het testen van de atoombommen stond. Op een door Pax Christi en het Interkerkelijk Vredesberaad (IKV) georganiseerde bijeenkomst op 22 juni werd dit nog eens bevestigd door de eerste secretaris van de Pakistaanse ambassade, de heer M. Razin, en door mevrouw D.G. Wadhwa van de Indiase ambassade. Beide vertegenwoordigers probeerden de aanwezigen uit de vredesbeweging in Nederland duidelijk te maken dat de schuld van het uitvoeren van de ondergrondse tests toch vooral bij de ander lag. Hun speeches zijn opgenomen in het bulletin 'Free the world of nuclear weapons' van het IKV. Aan het eind van de bijeenkomst kondigden zij aan dat hun beider regeringsleiders elkaar op 29 juli in Colombo zouden treffen op de vergadering van de 'South Asian Association for Regional Cooperation' (SAARC) in Colombo. Voorafgaand aan die bijeenkomst is een door het 'South Asia Forum for Human Rights' opgestelde verklaring aan de staatshoofden van de SAARC-landen overhandigd. Daarin werd de verontrusting over een mogelijke kernwapenoorlog tussen beide landen uitgesproken.
  De verklaring bevatte het verzoek aan de staatshoofden om hun invloed bij India en Pakistan aan te wenden om beide landen een niet-aanvalsverdrag te laten tekenen en om hun geschil over Kashmir op te lossen. In het verdrag zou een verklaring over het niet als eerste gebruiken van kernwapens moeten staan en beide landen zouden het gebruik van geweld bij bilaterale geschillen moeten afzweren. Tot slot werden de staatshoofden opgeroepen om India en Pakistan aan te sporen om opnieuw te beginnen met bilaterale samenwerking op het gebied van handel en investeringen en om technologische en culturele uitwisseling en toerisme te bevorderen. Volgens de ondertekenaars is de normalisering van de betrekkingen tussen India en Pakistan essentieel om de eerste doelstelling van de SAARC, 'het welzijn van de volkeren van Zuid-Azië en de bevordering van de kwaliteit van hun leven', te kunnen realiseren.


IJzeren gordijn

Na de atoomproeven werden aan beide zijden van de grens vooral beelden van juichende medestanders de wereld ingezonden. Lang niet iedereen in India en Pakistan was het echter eens met het feit dat men het buurland had laten zien dat men atoombommen heeft en die kan laten exploderen. Op het moment van de bijeenkomst van de Nederlandse vredesbeweging in juni had 'The Hindu' (International Edition) bijvoorbeeld al een verklaring gepubliceerd van een groot aantal Indiase wetenschappers, werkzaam aan gerenommeerde instituten in India en daarbuiten.
  De ondertekenaars geven in deze verklaring te kennen niet gediend te zijn van de "expositie van kennis" via atoomproeven. Het is volgens hen al lang bekend dat India atoombommen heeft en ze kan laten exploderen. Het daadwerkelijk uitvoeren van de tests draagt alleen maar bij aan meer spanning. De Indiase regering had bij haar aantreden, aldus de wetenschappers, een debat over de Nationale Veiligheidszaken aangekondigd, maar besloot dat debat op haar eigen manier te voeren. De ondertekenaars vragen zich af of ze zich wel veilig kunnen voelen in een wereld waarin ieder land trots is op haar kernwapenbezit en er van overtuigd is dat het daarmee anderen af kan schrikken.
  Aan beide zijden van het Zuid-Aziatische 'ijzeren gordijn' komen steeds meer mensen in verzet tegen het idee van een mogelijke overwinning in geval van een nucleaire oorlog. Fanatici in India en Pakistan geloven daar nog wel in, getuige het feit dat zij bijeenkomsten van vredesgroepen soms met grof geweld verstoren. In Bangalore is op een bijeenkomst van tegenstanders van de atoomwapenwedloop met knuppels ingehakt op de aanwezigen, die onder andere te horen kregen dat ze anti-nationalistisch waren. De Vishwa Hindu Parishad, de wereldorganisatie van hindoes, heeft het testen van de atoombommen aangegrepen om de hindoestaat te promoten. Aan Pakistaanse zijde hebben moslimfundamentalisten overigens op een vergelijkbare manier opgetreden tegen groepen die tegen 'hun' atoombommen protesteerden. Op een website van hindoefundamentalisten zijn vertegenwoordigers van mensenrechtenorganisaties en vredesbewegingen al bedreigd in bewoordingen als: "Het zal niemand spijten als zij van de aardbodem verdwijnen". Zo hoopt men voorstanders van vrede angst aan te jagen.


Kernwapenwedloop

Op 19 mei is namens de 'All India Association of Voluntary Agencies' (AIAVA), een koepelorganisatie van vrijwilligersorganisaties in India, een brief aan premier Vajpayee gestuurd. De aangesloten organisaties protesteren daarin tegen het testen van atoombommen en vragen zich af hoe reëel de bedreiging vanuit Pakistan nu eigenlijk was. (De Pakistaanse kernproeven vonden pas enige tijd later plaats, IvdD.) De grootste angst van de AIAVA is dat er na de tests een kernwapenwedloop tussen India, Pakistan en China zal ontstaan. De armen in India, meer dan de helft van de bevolking, hebben volgens de brief aan Vajpayee geen enkel belang bij een dergelijke wedloop. Zij willen eten, veilig drinkwater, simpele gezondheidszorg, onderwijs en onderdak en geen 'veiligheid' die voor hen leidt tot verhongering vanwege de gigantisch hoge kosten van een kernwapenprogramma.
  In haar brief citeert de AIAVA Mahatma Gandhi: "Gewelddadigheid met gewelddadigheid beantwoorden is toegeven dat je moreel en intellectueel gefaald hebt, en zo kan een vicieuze cirkel ontstaan". De AIAVA is van mening dat "noch de nucleaire wapens, noch het leger alleen de veiligheid van India kunnen garanderen. Veiligheid komt van binnenuit door het overwinnen van de scheidingen tussen klassen, kasten, religies, rassen, mannen en vrouwen. Pas als daar iets aan gebeurt kan er een sterk en veilig India ontstaan".


Leunstoel-idealisten

Zoals ook in Europa gebeurd is hebben in India, Pakistan en Bangladesh ook gepensioneerde militairen bezwaar aangetekend tegen de nucleaire optie. Zij hebben hun verklaring gestuurd aan de secretaris-generaal van de VN, de eerste ministers van Pakistan, India en Groot-Brittannië, en de presidenten van Amerika, Frankrijk, China en de Russische Federatie. Onder de 63 ondertekenaars bevinden zich bijvoorbeeld de luchtmaarschalken Zafar A. Chaudhry en M. Asghar Khan (voormalig opperbevelhebber van de Pakistaanse luchtmacht), brigadier Mir Abad Hussain (voormalig Pakistaans ambassadeur), generaal-majoor M.A. Mohaiemen uit Bangladesh, admiraal L. Ramdas (ex-chef van de Indiase marine), en luitenant-generaal Gurbir Mansingh en majoor Vijai Uppal van het lndiase leger. Hun in juli opgestelde en op 1 oktober herziene verklaring luidt:
  "Recente ontwikkelingen op het gebied van nucleaire wapens en de mogelijkheden om die per raket elders in Zuid-Azië af te leveren vormen een serieuze bedreiging voor dit gebied. Het feit dat India en Pakistan in het recente verleden oorlog hebben gevoerd en dat ze nog steeds geen goede relatie hebben opgebouwd maakt de ontwikkeling des te dreigender. Wij, de ondergetekenden, zijn geen theoretici of leunstoel-idealisten, we hebben ons beroepshalve vele jaren met bewapening beziggehouden en we hebben onze landen in vrede en in oorlogstijd gediend. Vanuit die ervaring en vanuit de posities die wij hebben bekleed hebben wij een redelijk idee over de destructieve gevolgen van conventionele en nucleaire wapens."
  "Wij zijn van mening dat nucleaire wapens uit de Zuid-Aziatische regio moeten verdwijnen, sterker nog, uit de hele wereld. Wij dringen er bij India en Pakistan op aan om hierin de leiding te nemen door nucleaire wapens op een duidelijke en controleerbare manier te vernietigen en nucleair onderzoek en ontwikkeling alleen maar te gebruiken voor vreedzame doeleinden."
  "Wij zijn van mening dat de beste manier om conflicten op te lossen de vreedzame manier is en niet de gewapende door middel van een oorlog, om nog maar te zwijgen van een dreiging met of gebruik van nucleaire wapens. India en Pakistan moeten hun daadwerkelijke problemen van armoede en onderontwikkeling aanpakken, ze moeten ophouden hun schaarse middelen aan te wenden om steeds zwaardere middelen van vernietiging aan te schaffen."

Vredesbeweging protesteert tegen kernproeven,
Calcutta, 16 mei 1998 (foto: Frontline)


Onze jongens

Op 9 juni vond in New Delhi een conferentie tegen nucleaire wapens plaats. Eerdergenoemde admiraal L. Ramdas b.d. zei daar onder andere het volgende: "U zult zich afvragen wat iemand die zijn hele leven in een uniform heeft rondgelopen hier op deze bijeenkomst doet. Een persoon die zijn hele leven deel heeft genomen aan het voorbereiden en uitvoeren van de defensiepolitiek, die zich heeft beziggehouden met training en hersenspoelen, noem het zoals u wilt. Ik kan u verzekeren dat het een lange reis is geweest van dat establishment naar de plaats waar ik nu sta. Op 11 mei, na de kernproeven, verkeerde ik in hevige tweestrijd. Was dit wel echt noodzakelijk? Alhoewel ik vice-voorzitter ben van het 'India-Pakistan Peoples' Forum for Peace and Democracy' was ik het niet volledig eens met de door hen uitgegeven verklaring tegen de atoombom. Pas twee weken geleden ben ik tot de conclusie gekomen dat het absoluut verkeerd was. Het doet er niet toe wat de drijfveren waren, er is geen noodzaak om kernwapens te gaan produceren en testen."
  "Conventionele oorlogvoering is iets totaal anders. Als je eenmaal de eerste stap op de weg van de nucleaire wapens hebt gezet kunnen er zeer veel dingen misgaan. Toen wij in 1971 Karachi in vuur en vlam hebben gebombardeerd - hetgeen van veel van onze jongens helden heeft gemaakt - was dat met conventionele bommen. Als nu een raket door ons luchtafweersysteem wordt gesignaleerd, zal het echt niet duidelijk zijn of deze bloemen, conventionele dan wel een nucleaire lading aan boord heeft. Wat moeten we dan doen? We hebben met veel trots geroepen dat we een controlesysteem hebben opgezet. Maar in 1997 heeft een vliegtuig wapens gedropt in Purnea en is weer weggevlogen zonder dat ons radarsysteem het heeft gezien."
  "New Delhi heeft geen schuilkelders omdat in dit land mensen als wegwerpartikelen worden beschouwd. Als bij een conventionele aanval duizenden sterven is dat acceptabel. Maar bij een nucleaire aanval gaat het niet om duizenden, maar om miljoenen doden. In de denkwereld van hen die gekozen hebben voor de nucleaire optie zijn mensen dus onbelangrijk zelfs als het om miljoenen gaat."
  "De systemen zijn ongelooflijk duur, want het gaat niet alleen over de nucleaire lading op de raket, maar ook over de infrastructuur, de raketten, de vliegtuigen, de luchtafweersystemen en dergelijke. Wij hebben geen Early Air Born Warning Systems, dus we praten als een klein kind dat plotseling een nieuw speelgoedje heeft ontdekt. Een speelgoedje dat gebruikt wordt uit politieke overwegingen. Economisch zal het grote gevolgen hebben voor sociale en gezondheidsprogramma's en militair heeft het ons geen stap verder geholpen."
  "Wij, ik zie hier veel oud-collega's, moeten vechten voor de vrede en dit concept van tafel zien te krijgen, we moeten het publiek voorlichten en druk uitoefenen op de regeringen van India en Pakistan. Dit opdat we een vredig India achterlaten voor uw kinderen, kleinkinderen en mogelijk al achterkleinkinderen."


De Pakistaanse kant

Aan de Pakistaanse kant is een viertal grote groepen actief in het verzet tegen de kernwapenwedloop, te weten: het 'Action Committee Against Arms Race' (Karachi), het 'Joint Action Committee for People's Rights' (Lahore), het 'Citizens Peace Committee' (Rawalpindi/Islamabad) en het 'Advocacy and Development Network' (ADN). Op een bijeenkomst in juli besloten deze groepen om te gaan samenwerken op landelijke niveau als de 'Campaign for Nuclear Disarmement - Pakistan' (CNDP). Het doel van de samenwerking is om zo snel mogelijk aan de Pakistaanse bevolking duidelijk te maken wat de gevolgen van de productie en het gebruik van de kernwapens kunnen en zullen zijn voor de huidige en de komende generaties. Dit wil men onder andere bereiken door massabijeenkomsten, maar ook door het organiseren van seminars met politici van de grote partijen. Via netwerken op nationaal en internationaal niveau, vooral ook met Indiase organisaties, wil men informatie uitwisselen met als uiteindelijk doel dat Zuid-Azië en daarna de rest van de wereld kernwapenvrij wordt. Men wil in discussie gaan met voorstanders van de nucleaire optie in de hoop op die manier een vreedzame discussie mogelijk te maken.
  De CNDP wil functioneren als een federatie van groepen met hetzelfde doel, een servicepunt voor lokale of regionale organisaties. De organisatie moet zo klein mogelijk blijven en een comité met technische experts op het gebied van kernbewapening tot haar beschikking hebben om voorlichtingsmateriaal te kunnen maken voor lokale groepen. De lokale groepen blijven verantwoordelijk voor de financiering van hun eigen activiteiten, maar in speciale gevallen kan de landelijk opererende CNDP proberen fondsen aan te boren. De CNDP wil eens per jaar een nationale conferentie organiseren waar vertegenwoordigers van de lokale organisaties elkaar kunnen ontmoeten en ideeën kunnen uitwisselen. Eens per drie jaar wil men een internationale conferentie houden waar organisaties die zich inzetten voor de vrede en nucleaire ontwapening van over de hele wereld zullen worden uitgenodigd. De CNDP wil zoveel mogelijk nationaal fondsen werven voor video's, boeken en ander informatiemateriaal. Men aarzelt nog gebruik te maken van steun van UNESCO en vredesgroepen uit andere landen, uit angst dat buitenlandse steun zich als een boemerang tegen hen zal keren.
  Vele groepen die zich tegen kernwapens verzetten in Europa werden in het verleden door de verschillende overheden ook beschuldigd van alles en nog wat, om over de beschuldigingen uit de hoek van de voorstanders van de nucleaire optie nog maar te zwijgen. Je werd gefinancierd door de KGB, je moest maar naar Rusland gaan verhuizen, dan werd je daar wel in een werkkamp gezet etcetera.


Schotenwisseling

Praful Bidwai, een Indiase geleerde en journalist, heeft in september op een conferentie het volgende gezegd: "Raketten met atoomkoppen kunnen binnen 10 minuten zijn waar ze moeten wezen. Dat rechtvaardigt een snelle reactie. Gezien het gebrek aan inzicht aan Indiase en Pakistaanse zijde in de wederzijdse bedoelingen met de nucleaire voorbereiding en militaire doctrines kan dat bij plotselinge toename van de schermutselingen aan de grens desastreuze gevolgen hebben. Onzin? Helaas niet. Op 22 en 23 augustus vond een schotenwisseling plaats in de Uri sector in Kashmir, waarna India claimde 70 Pakistaanse soldaten te hebben gedood. Pakistan hield vol dat er geen doden waren gevallen en er slechts van een beperkte schotenwisseling sprake was. Normaal gesproken vindt er iedere dinsdag via de 'hotline' een gesprek plaats tussen de Indiase en Pakistaanse directeuren-generaal (die over de militaire operaties gaan) over schermutselingen tussen India en Pakistan. Op woensdag 26 augustus had dit gesprek nog niet plaatsgevonden en dat is zeer zorgwekkend nu we het atoomwapentijdperk zijn binnen gegaan."
  Hackers beweren de internetpagina's van de Indiase atoombommakers reeds gekraakt en aangepast te hebben. Ook op die manier wordt gevochten tegen de voorstanders van de atoombommen. Al met al gloort er hoop aan de horizon, maar voorlopig zullen zij die zich verzetten tegen de kernwapenwedloop nog drukke tijden tegemoet gaan. In India noch in Pakistan zal het hen door voorstanders van de 'hindoestaanse' en 'islamitische' bom gemakkelijk worden gemaakt.

xxx




begin document

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 1 oktober 1999