terug
Uit: India Nieuwsbrief 45 (nov-dec 1986)



 

Huisrook is geen onuitroeibaar kwaad



Luchtvervuiling is lange tijd als het minst belangrijke van de milieuproblemen in India gezien. Ze concentreerde zich hoofdzakelijk in de grote steden en daar waar industrieŽn gevestigd zijn. De laatste gegevens wijzen echter uit dat de luchtvervuiling binnen de huizen een akuut probleem is, ťn een oorzakelijke faktor van miljoenen doden per jaar. Het koken op open vuur geeft binnenshuis zo'n zware rook dat vrouwen hierdoor dagelijks blootgesteld worden aan meer vervuiling dan industrie-arbeiders in extreem vervuilde gebieden. Op alle gebieden worden vrouwen de dupe van het koken op hout: het hout raakt schaars, steeds langer moet er gesprokkeld worden voor de benodigde hoeveelheid, en daarbij nog stellen zij zich dagelijks bloot aan de gevaren van rook. Het verminderen van de luchtvervuiling binnenshuis is een zeer urgente taak, die milieuwerkers en gezondheidszorgwerkers niet over het hoofd mogen zien. Zelfs vandaag nog gebruikt 90% van de huishoudens in India hout, mest en afval voor het stoken. 's Winters wanneer de rook onmogelijk op kan stijgen, is het probleem nog groter.

Inmiddels zijn veel studies gedaan naar het effekt van het gebruik van brandhout op de luchtvervuiling. Er komt uit naar voren, dat hout in vergelijking met gas, olie en zelfs kolen, de grootste vervuiling geeft. In India wordt in bijna alle dorpen en zelfs in de steden op open inefficiŽnte chula's gekookt. Vergelijk je de enorme hoeveelheid energie, die aan het koken gespendeerd wordt, met de miljoenen dollars die uitgegeven zijn aan milieustudies, dan is het positief effekt hiervan voor de Indiase vrouwen minuscuul te noemen. Dit terwijl, naast dat van boer, het beroep van 'kookster' het meest voorkomend is. Het is een voorbeeld van hoe plattelandsvrouwen in ontwikkelingslanden vergeten worden.

Kirk Smith en A.L. Aggarwal van het National Institute of Occupational Health in Ahmedabad, en R.M. Dave van Jyoti Solar Energy Institute, hebben een onderzoek gedaan in vier dorpen in Gujarat eind 1981, in 36 huishoudens in het Anand-distrikt, naar de gevolgen van rook op de gezondheid van vrouwen.
Tijdens het onderzoek droegen de vrouwen tijdens het koken een meetapparaat bij hun hals, dat de vervuiling waaraan zij blootstaan direkt kon meten. De twee voornaamste vervuilers van rook zijn TSP (total suspended particulates) en BaP (benzo-a-pyreen). De resultaten waren schrikbarend. De beruchte smog in Londen in 1954, die voor enkele dagen 80% verhoging van het sterftecijfer teweegbracht, werd veroorzaakt door een TSP-gehalte dat even hoog lag als het TSP-gehalte in de Gujarat-keukens dagelijks.


    De betekenis voor de gezondheid

Het meest krachtige bewijs voor de ziekteverschijnselen t.g.v. rook komt van een onderzoek naar bepaalde ziekten, m.n. 'cor pulmonale', een decompensatie van de rechterhartkamer ten gevolge van longziekten. Dit onderzoek werd vijftien jaar geleden gedaan onder ziekenhuispatiŽnten in Delhi. Terwijl 75% van de mannen rokers waren, in vergelijking met 10% van de vrouwen, kwam bijna evenveel 'cor pulmonale' bij beide groepen voor. Bijna alle vrouwen hoorden bij de laagste-inkomensgroep. Terwijl alle vrouwen kookten, bleek slechts 7% van de mannen te koken. Hun brandstof bestond voor 63% uit mest, 25% uit hout en 12% uit kolen. De vrouwen hebben vaak van jongs af aan veel tijd in rokerige kookruimtes doorgebracht. De aanvang van de ziekte bleek bij vrouwen vaak 10 tot

Een leven lang in de rook (foto: Simavi)
15 jaar eerder dan bij mannen, hun hartafwijking bleek groter en hun longfunktie slechter. In Zuid-India komt 'cor pulmonale' minder vaak voor, hetgeen men toeschrijft aan de beter geventileerde keukens.

Een andere studie in Ahmedabad toonde de relatie aan tussen hoest, ademhalingsmoeilijkheden en longafwijkingen t.g.v. het koken met hout, mest en andere rokerige brandstoffen. Studies in Nepal wezen een relatie met chronische bronchitis uit. Een rampzalig hoog ziektecijfer van akute infektie aan de ademhalingswegen werd gevonden als meest voorkomende doodsoorzaak bij kinderen onder het eerste jaar. Van de 490 overleden kinderen stierf er 33,3% ten gevolge van ARI (acute respiratory infection).

Van studies naar koolmonoxide is bekend, dat deze stof zich bindt aan het hemoglobine. Het gevolg is dat er minder hemoglobine aanwezig is voor het zuurstoftransport. In uiterste gevallen wordt het HbCO-gehalte zo hoog dat coma en zelfs dood het gevolg is. Vrouwen hebben in het algemeen minder hemoglobinereserve dan mannen, wat hen vatbaarder maakt voor anemie (bloedarmoede). Vooral tijdens zwangerschappen is er in het lichaam een extra vraag naar hemoglobine, welke hun reserves nogmaals doet afnemen. De blootstelling aan CO kan effekt hebben op de foetus, het veroorzaakt een te laag geboortegewicht en een vermeerderd aantal gevallen van prenatale sterfte. Het is niet verbazingwekkend dat ziekten aan de ademhalingswegen een belangrijke doodsoorzaak blijken te zijn onder vrouwen en meisjes boven de vijf jaar.


    Welke oplossingen zijn voorhanden?

  1. Op de eerste plaats zijn er in India een aantal brandstoffen verkrijgbaar die heel goed als vervanging van brandhout zouden kunnen dienen. De belangrijkste hiervan zijn ethanol, kerosine en biogas. Al deze middelen zijn schoner en minder ongezond in hun gebruik op de lange duur. Helaas zijn ze geen van alle betaalbaar voor de gewone Indiase huisvrouw.

    Dit betekent dat er nog drie andere mogelijkheden over zijn.

  2. Het aanplanten van bomen waarvan het brandhout minder rookt.
    Van de soorten die de dorpelingen gebruikten (niem, mango, baval e.a.) bleek baval de minst rokerige.

  3. Houtskool.
    Bij de vervaardiging van houtskool worden de vervuilende stoffen uitgescheiden. Ten tijde van het gebruik is het relatief schoon, op het koolmonoxide na! Er moet dan een goed passende schoorsteen komen, waardoor de rook verwijderd wordt. Hiervoor kunnen de rookloze chula's gebruikt worden. Deze zijn inmiddels al zo ontworpen dat men aan weinig rook blootstaat. Ook wordt de warmte efficiŽnter en energiebesparender gebruikt. Er is minder hout nodig, dus het mes snijdt aan twee kanten.
    Tegenwoordig zijn er in India een flink aantal instituten die werken aan de verbetering van chula's. In verschillende staten zijn onder de social forestry-programma's al duizenden chula's gedistribueerd, met financiŽle hulp van de Wereldbank en andere ontwikkelingsorganisaties. Het gevaar hiervan is dat de invoering te snel gebeurt, en te weinig in samenwerking met de bevolking. Uit het onderzoek van Kirk e.a. bleek ook dat de huizen vaak nog vol rook stonden door verkeerde installatie, inadequaat gebruik, of slechte werking van de chula's doordat de schoorsteen vol as of roet zat.
    Sarin, een pionier op dit gebied, voert chula's in in samenwerking met de bevolking, en wordt inmiddels gezien als de meest succesvolle verspreider. De invoering van chula's werkt alleen als de mensen zelf voldoende begrijpen waarom ze beter zů kunnen koken, en hen geleerd wordt het fornuis adequaat te stoken en schoon te houden. De programma's moeten zo opgezet worden dat zij de vrouwen ondersteunen in de verandering, en hun vertrouwen gesterkt wordt. Ze blijken de vermindering van rook een belangrijker voordeel te vinden dan de brandstofbesparing.

  4. Meer aandacht voor het huisontwerp.
    Als bijvoorbeeld in de moessontijd in het keukendak een gat van 2m2 dichtgemaakt wordt, vermeerdert dit acht maal de rookhoeveelheid. Het maakt veel uit of er op de veranda of in het portiek gekookt wordt. In Gujarat wees de studie uit dat rijkere vrouwen, wonend in stenen huizen, slechter af waren hoewel zij beter hout gebruikten. Lemen huizen ventileren beter, zo ook strodaken en pannendaken.


    Konklusie

Al met al kan geconcludeerd worden dat er genoeg aan de slechte omstandigheden in de Indiase huizen gedaan kan worden. Vooral als de overheid het probleem op grote schaal aanpakt, is veel mogelijk. Maar technische oplossingen zijn altijd afhankelijk van de politieke wil om ze te realiseren. En juist van die politieke wil is tot nu toe nog bitter weinig gebleken.

Uit: Manushi, 28 juni 1986




begin document

tijdschrift India Nu

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 5 maart 2010