terug
Uit: India Nu 134 (nov-dec 2001)


Pakistan-India na 11 september

De spagaat van Musharraf


Naarmate de oorlog in Afghanistan langer duurt, zal het de Pakistaanse legerleider Musharraf meer moeite kosten overeind te blijven. Met het voortduren van de militaire steun aan de Amerikanen groeit de onvrede onder Pakistanen. Tegelijk neemt de spanning met India weer toe, nu beide landen de kwestie Kashmir in de strijd betrekken. Pakistan wil internationale bemiddeling als dank voor bewezen diensten, terwijl India erkenning zoekt van het terrorisme dat met Pakistaanse hulp in Kashmir plaatsvindt. Terwijl westerse leiders de deur in Islamabad en New Delhi platlopen, ruziën beide landen rustig verder. Een doemscenario ligt op de loer. Een analyse van begin november.

Direct na de aanslagen in de Verenigde 5taten zijn alle ogen gericht op Afghanistan. Osama bin Ladens al-Qaeda netwerk en de Taliban worden al snel aangewezen als hoofdverdachte respectievelijk medeplichtige. In de dagen erna stomen Amerikaanse troepen op naar de Arabische Zee en wordt een militair ingrijpen voorbereid. Ondertussen is duidelijk dat Pakistan een cruciale rol is toebedeeld. Het is buigen of barsten voor zelfbenoemd president Musharraf. Niet dat hij erg veel keus heeft. Gezien het Amerikaanse adagium 'wie niet voor ons is, is tegen ons', staat een weigering van Pakistan mee te werken met de door de VS geïnitieerde 'coalitie tegen het terrorisme' gelijk aan een oorlogsverklaring.


Spagaat

Hoewel dat iets makkelijker gaat in een land onder militair gezag, moet Musharraf opboksen tegen een publieke opinie die weinig begrip heeft voor het toegeven aan de Amerikaanse druk. Volgens de hoofdredacteur van de Pakistaanse krant Ausaf liet Musharraf daags na de aanslagen in de VS op een door hem bijeengeroepen ontmoeting van politici, religieuze leiders, intellectuelen en journalisten weten van de Amerikanen te verstaan hebben gekregen dat deze - samen met Israël en India! - ook Pakistan zouden aanvallen als het weigerde mee te werken. De boodschap was duidelijk: 'ik kan niet anders.' Volgens dezelfde journalist had Pakistan zelfs een eerste aanval weten te verijdelen. Vliegtuigen van de luchtmacht zouden Israël hebben doen afzien van een bombardement op Pakistans nucleaire installaties.

Het is een pijnlijke spagaat voor de machthebbers in Pakistan. De Taliban, die uiteindelijk vooral dankzij Pakistaanse steun konden uitgroeien tot een machtsfactor van betekenis in Afghanistan, moet opeens de rug worden toegekeerd. Met een tweetal missies naar Kandahar, die de Talibanleiders ervan moeten overtuigen dat het beter voor ze is Bin Laden uit te leveren, probeert Musharraf de internationale gemeenschap zijn goede wil te tonen. De inspanningen leveren weinig of niets op, maar zijn niettemin de enige zichtbare pogingen om anders dan met bommen een doorbraak te forceren. Terwijl Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten hun jarenlange steun aan de Taliban formeel beëindigen, blijft Pakistan als enige land de Taliban officieel erkennen.


Verraad

Veel Pakistanen zien de handelwijze van hun regering als verraad aan Afghanistan en de Taliban. Religieuze en etnische bonden versterken de toch al bestaande anti-Amerikaanse sentimenten, die naarmate de oorlog in Afghanistan langer duurt Musharraf in een bijzonder lastig parket kunnen brengen. Demonstraties van militante moslimorganisaties lopen regelmatig uit op een veldslag met oproerpolitie en leger, waarbij diverse doden vallen. Hoewel de impact van de protesten wordt gebagatelliseerd, vertolken ze een in brede kring gedeelde weerzin tegen de aanwezigheid van Amerikaanse legereenheden op Pakistaans grondgebied. De verzekering dat deze troepen niet met aanvalstaken zijn belast, is weinig geloofwaardig. Veel Pakistanen herinneren zich nog goed hoe het de vorige keer ging, toen de Amerikanen Pakistan als frontlijnstaat lieten barsten nadat de Sovjets uit Afghanistan waren vertrokken. Zij werden opgezadeld met een enorm vluchtelingenprobleem en een in chaos verkerend buurland. Veel Pakistanen voelen er niets voor nu wéér als achtertuin voor Amerika's buitenlandse politiek te worden gebruikt.

Eind oktober komen de eerste berichten van duizenden tot tienduizenden gewapende Pakistanen en Afghanen die bij de grens klaar staan om de Taliban fysiek te steunen. In het stadje Chilas, in het door Pakistan bestuurde deel van Kashmir, grijpen tweeduizend gewapende sympathisanten van de Taliban de macht. Ook nemen ze de kleine lokale luchtmachtbasis in bezit. Verder naar het noorden blokkeren een paar duizend anderen enkele dagen de Karakoram Highway, die Pakistan met China verbindt. Pas na ingrijpen van het leger komt de weg vrij. De leider van de Jamaat-e-Islami, de grootste radicale moslimpartij, roept ondertussen tijdens een bijeenkomst met tienduizend aanhangers op tot het omverwerpen van generaal Musharraf.

Dezelfde week verschijnt op televisie een brief die door Bin Laden zou zijn geschreven en die oproept tot een heilige oorlog tegen de 'christelijke kruisvaarders'. Ook Musharraf krijgt een veeg uit de pan. Authentiek of niet, radicale moslims in Pakistan beschouwen de brief ongetwijfeld als aanmoediging. De Pakistaanse autoriteiten hebben ondertussen een algeheel demonstratieverbod afgekondigd en een aantal moslimleiders en andere kopstukken gevangen gezet of onder huisarrest gesteld. Onder hen bevinden zich Bashir uddin Mahmood, voormalig projectleider van Pakistans nucleaire programma, en Chaudry Abdul

Pakistaanse buspassagier hoopt op een betere relatie tussen India en Pakistan na de opening van een directe lijnverbinding tussen Delhi en Lahore, 16 maart 1999 (foto: Indiatimes/Kamal Jeet Singh)
Majid, in 1999 nog directeur van de Pakistaanse Atomic Energy Commission. Beide mannen worden ervan verdacht nucleair materiaal aan al-Qaeda te hebben doorgespeeld.


Geheime dienst

Minstens zo alarmerend zijn de geruchten dat generaal Musharraf de grootste moeite heeft het leger onder controle te houden. Hoewel hij sinds de staatsgreep van oktober 1999 al bezig is met een schoonmaakoperatie op strategische posities binnen het militaire establishment, is het opvallend dat een aantal kopstukken kort na de aanslagen het veld moet ruimen. Een van hen is luitenant-generaal Mahmood Ahmad, de chef van de Inter-Services Intelligence (ISI), Pakistans geheime dienst. De ISI is zonder twijfel de best georganiseerde inlichtingendienst in de Derde Wereld en heeft een reputatie hoog te houden als het gaat om inmenging in binnenlandse aangelegenheden en de beïnvloeding van het buitenlands beleid. Zowel in Afghanistan als in Kashmir vormt de ISI een machtsfactor van betekenis. De dienst geldt niet voor niets als een 'staat binnen de staat'.

Vlak voordat de eerste Amerikaanse bommen op Afghanistan vallen, stuurt Musharraf Ahmad en twee eveneens hooggeplaatste collega's 'met vervroegd pensioen'. De drie zijn samen de architecten van Pakistans pro-Taliban politiek en staan bekend als islamitische hardliners. De ontslagen spionnen stonden, overigens ook aan de basis van Musharrafs eigen staatsgreep. Eerder in september was Ahmad nog naar Afghanistan gestuurd om te onderhandelen met Mullah Omar, de geestelijk leider van de Taliban. The Times oF India suggereert dat Musharraf de mannen onder zware Amerikaanse druk heeft moeten ontslaan. De krant meldt op gezag van 'hooggeplaatste bronnen' dat Ahmad zijn baan verloor nadat India bewijzen had overhandigd aan de Amerikaanse FBI dat hij betrokken zou zijn geweest bij de aanslagen op het World Trade Centre in New York. Volgens de bronnen is op aangeven van Mahmood Ahmad door een zekere Ahmad Umar Sheikh een grote geldsom overgemaakt aan een van de kapers (Mohammed Atta). Sheikh zat eerder in India gevangen vanwege vermeende betrokkenheid bij het ontvoeren en vermoorden - in 1994 - van vier westerse toeristen in Kashmir. Hij kwam twee jaar geleden met enkele anderen vrij in ruil voor vrijlating van de passagiers van een gekaapt vliegtuig.


Wapenembargo

De weinige lichtpuntjes in deze turbulente tijden voor Musharraf zijn de 'cadeautjes' die hij krijgt als dank voor zijn medewerking. Amerikanen en Britten schelden een deel van de schulden kwijt en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) komt met economische steunmaatregelen. De Europese Unie draagt ook een steentje bij en heft handelsbarrières op voor de Pakistaanse textielindustrie. Vijftig dagen na de aanslagen in de VS zijn de beurskoersen in Karachi met zeventien procent gestegen. Weinig andere effectenbeurzen zullen dat Karachi kunnen nazeggen. Cynischer is het gemak waarmee de Amerikanen een jaren oud wapenembargo tegen India en Pakistan aan de kant schuiven. Ooit ingesteld als straf voor beider kernwapenprogramma, kunnen de sancties een paar weken na de aanslagen kennelijk ineens de prullenbak in. Een ander deel van de militaire sancties tegen Pakistan dateert van 1999, na Musharrafs militaire coup. Ook die zijn inmiddels van de baan. Als dank voor Pakistans hulp aan de Amerikanen worden zo in een handomdraai kernwapenstatus en dictatuur erkend.


In Nederland

In Nederland is momenteel een zelfde plan in de maak. Het VPRO-radioprogramma Argos liet op 19 oktober weten uit betrouwbare ambtelijke bron te hebben vernomen dat een nieuwe brief aan de Tweede Kamer hieromtrent in de maak is. Begin dit jaar nog werd de regering teruggefloten door het parlement, dat geen enkele reden zag het Nederlandse wapenembargo tegen beide landen te beëindigen. Staatssecretaris Ybema liet toen al weten dat de Nederlandse defensie-industrie enkele grote orders dreigt mis te lopen. Met dat in het achterhoofd grijpt het ministerie van Economische Zaken, op instigatie van enkele bedrijven, het opheffen van de Amerikaanse sancties aan om hetzelde balletje nog maar eens op te gooien. Woordvoerders van PvdA, D66 en CDA hebben gelukkig laten weten geen goede reden te zien om van het bestaande beleid af te wijken.


Kashmir

Ondertussen is India er, net als Israël, na 11 september als de kippen bij om de wereld erop te wijzen hoe zwaar het land al jaren gebukt gaat onder terrorisme. India's onderminister van Buitenlandse Zaken laat voor CNN weten dat hij, nu de Amerikanen toch bezig gaan in Afghanistan, ook nog wel een paar terroristische trainingskampen in Pakistan kent. In een televisietoespraak waarschuwt Musharraf India geen misbruik te maken van de situatie. Met het verstrijken van de tijd moet India met lede ogen toezien hoe Pakistan voor de westerse wereld even een belangrijker partner is. India ontvangt weliswaar aan de

Indiaas minister van Binnenlandse Zaken Advani ontmoet zijn Duitse collega Schilly. Hier op een eerdere bijeenkomst in Berlijn, juni 2001 (foto: PIB)
lopende band premiers en ministers uit de VS en de EU, maar die komen vooral voor Pakistan. Voor de vorm doen ze daarbij ook Delhi even aan. Niettemin laat de regering Vaipayee geen gelegenheid onbenut om zijn gasten erop te wijzen dat het separatistisch geweld in Kashmir ook terrorisme is. De duidelijkste steun krijgt India van de Duitse minister van Binnenlandse Zaken, Schilly. Deze onderschrijft een gezamenlijke verklaring waarin beide landen laten weten te erkennen dat de situatie in Jammu en Kasmir niet buiten de internationale strijd tegen het terrorisme kan worden gehouden'. Zijn Indiase collega Advani had daags tevoren al laten doorschemeren hoe hij dat voor zich zag. Amerika's aanvallen op trainingskampen in Afghanistan laten zien dat het bestrijden van terrorisme buiten de landsgrenzen nu als legitiem wordt gezien binnen de internationale gemeenschap, aldus Advani.


Doemscenario

Vooral Pakistan gaat spannende maanden tegemoet. Mocht Musharraf zich staande weten te houden zal hij waarschijnlijk een extra reden zien de terugkeer naar een democratisch Pakistan nog even uit te stellen. Hij heeft dan immers het land door een moeilijke periode weten te loodsen en ervoor gezorgd internationaal weer mee te tellen. Blijft Musharraf niet in het zadel dan dreigt een doemscenario. Een eventuele greep naar de macht door minder gematigde krachten zal niet zonder bloedvergieten plaatsvinden en behalve voor Pakistan ook voor India grote gevolgen hebben. Want wat gebeurt er vervolgens met Pakistans kernwapenarsenaal? Sommige Amerikaanse generaals lijken dit ook te beseffen. Tegen de Washington Post zegt een van hen: 'Onze acties laten tot dusverre alleen kortetermijndenken zien'. India's minister van Defensie Fernandes (weer terug op zijn oude post, na eerder te zijn afgetreden vanwege het Tehelka steekpenningenschandaal rond de aankoop van wapens) verwoordt het als volgt: 'Ieder uiteenvallen van Pakistan zal de stabiliteit van het subcontinent in gevaar brengen, met consequenties die de verbeelding tarten'. Het is te hopen dat het tot dergelijke collateral damage in 'onze' oorlog tegen het terrorisme niet komt.

xxx




begin document

HOME Landelijke India Werkgroep

pagina INDIA NU

pagina VREDE & VEILIGHEID

Landelijke India Werkgroep - 19 december 2001