|
5-3-2009
Nederlandse export
Bij de analyse van de Nederlandse wapenexportgegevens over 2007 stelde de Campagne tegen Wapenhandel vast dat India terug is als grote klant op de Nederlandse defensiemarkt. India nam dat jaar voor bijna 22 miljoen euro Nederlandse militaire goederen af, vooral radarsystemen. Het gros van de Nederlandse wapenexporten loopt via Thales dat al enkele decennia een belangrijke leverancier is van militaire elektronica aan India. Midden 2008 maakte Thales nieuwe orders bekend, bestemd voor fregatten van de Indiase marine. Onder de licentieovereenkomst levert Thales alle cruciale onderdelen en bouwt het Indiase bedrijf BEL de uiteindelijke radarsystemen. Millenniumdoelen in de knel De gigantische verhoging van de defensiebegroting is verontrustend, zeker als je dat vergelijkt (zoals een Indiase kinderrechtenorganisatie deed) met de verhoging van slechts 0.45% voor basisonderwijs in de interimbegroting. “Op punten als gezondheid, onderwijs, bescherming en voeding is er in 2009 minder of op zijn best dezelfde begroting beschikbaar voor kinderen” staat in het rapport van het HAQ Centrum voor Kinderrechten. Nederland, dat de Millenniumdoelen hoog in het vaandel heeft staan, zou bij een dergelijke keuze voor bewapening ten koste van sociale investeringen geen exportvergunningen voor militaire goederen naar India moeten afgeven. Het gemeenschappelijke EU wapenexportbeleid biedt daarvoor voldoende aanknopingspunten. Daarin staan ethische criteria geformuleerd waaraan elke wapenexportorder moet worden getoetst. Onder meer wordt moet bij aanvragen voor vergunningen worden gekeken naar “compatibiliteit van de wapenuitvoer met de technische en economische capaciteit van het ontvangende land, rekening houdend met de wenselijkheid dat staten aan hun legitieme behoeften inzake veiligheid en defensie voldoen met zo gering mogelijke aanwending van menselijk en economisch potentieel voor bewapening.” Het lijkt er niet op dat hier sprake is van ‘zo gering mogelijk aanwending’. Sinds de totstandkoming van het EU wapenexportbeleid in 1998 heeft Nederland echter slechts vier keer een wapenexportvergunning geweigerd op grond van dit zogenoemde ‘ontwikkelingscriterium’, op een totaal van 134 afgewezen vergunningsaanvragen en duizenden toegewezen vergunningen. Gevreesd moet worden dat een verhoging van het defensiebegroting met 34% gezien wordt als een vallend onder de ‘legitieme defensiebehoefte’ van India en dat, zoals de Nederlandse regering in zulke gevallen placht te stellen, de Indiase regering daar zelf voor kiest. Maar wiens keuze is het? De defensiebegroting wordt bepaald door legertop en regeringsleiders en is niet iets waar de gemiddelde sloppenbewoner of kasteloze op het platteland enige invloed op heeft. Protesten in India Ook Indiase vredesgroepen maken zich zorgen. Gelijktijdig met de AeroIndia beurs werd in Bangalore een driedaagse conferentie gehouden onder de titel “Ontwapening voor vrede en ontwikkeling” met sprekers over onder meer “The Cost of Arms Races & Proliferation in our Societies” en “Making the case for bringing the arms trade under control”. In de aanloop naar de conferentie schreven de organisatoren: “India is van plan om 126 gevechtsvliegtuigen voor 10 miljard dollar te kopen. Deze aankoop wordt wel omschreven als de ‘luchtmachtdeal van de eeuw’. Het geld voor deze aankoop is dringend nodig om alle Indiërs te voorzien van basisbehoeften zoals schoon drinkwater, sanitair, onderwijs, voedsel en onderdak.” Naar aanleiding van de presentatie van de interimbegroting organiseerde de Arms Control Foundation of India een briefing voor parlementariërs. Defensieanalist Ravinder Pal Singh zei op deze bijeenkomst "Wij zijn een land waar de regering een begroting aan het parlement voorlegt zonder zelfs maar een beleidsdocument erbij te leveren. We moeten manieren ontwikkelen om ervoor te zorgen dat onze militaire uitgaven, zowel voor binnenlandse als voor buitenlandse veiligheid, worden afgewogen tegen onze sociaal-economische uitgaven.” Militaire ambities
Overigens zit in de Indiase defensiebegroting veel lucht. Het afgelopen jaar slaagde het Ministerie van Defensie er niet in om de voor aankopen bestemde begroting uit te geven en moest $1 miljard worden teruggestort in de staatskas. Militaire bedrijven klagen over een verstikkende bureaucratie en eindeloos durende testfases. De forse verhoging van de defensiebegroting in de interimbegroting moet dan ook mede gezien worden als een staaltje patriottistische show in het licht van de verkiezingen in het voorjaar. Toch moeten de Indiase defensieambities niet onderschat worden. Van oudsher bewapende India zich met het oog op de buurlanden Pakistan en China en dit blijft het belangrijkste zwaartepunt. Maar sinds enkele jaren wordt - in lijn met de meeste westerse defensieorganisaties - ook gestreefd naar een krijgsmacht met wereldwijde mogelijkheden. India ziet voor zichzelf als opkomende macht een globale rol weggelegd. Voor het bewaken van olie- en handelsroutes, het beschermen van Indiase expats in het Midden-Oosten (tijdens de Libanon-oorlog in 2006 werden ruim 2000 landgenoten geëvacueerd met Indiase marineschepen) en voor substantiële deelname aan internationale missies. India wil zijn militairen een andere rol geven. Daar hoort een ander soort bewapening bij dan een bewapening voor territoriale defensie. Als India dit streven doorzet dan zullen de defensie-uitgaven nog verder stijgen, ten koste van broodnodige ontwikkelingsinvesteringen.
De Campagne tegen Wapenhandel volgt, net als Indiase vredesgroepen, de ontwikkelingen in India met zorg en werkt op dit moment aan een factsheet over de Nederlandse wapenexporten naar India en Pakistan, en een factsheet over de overheidssteun aan wapenbeurzen. Verkrijgbaar is al wel een factsheet over de relatie tussen wapenexport en duurzame ontwikkeling. Zie www.stopwapenhandel.org.
|