Landelijke India Werkgroep


Brief Stop Kinderarbeid en Landelijke India Werkgroep aan Kamer over handelsmissies


2-4-2016


Geacht lid van de Algemene commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,

Naar aanleiding van het AO Economische Missies en Handelsbevordering op 7 april a.s. wil ik u namens de Stop Kinderarbeid coalitie en de Landelijke India Werkgroep graag een aantal bevindingen en aanbevelingen voorleggen.

Het valt ons allereerst op dat het woord kinderarbeid in geen van de landenverslagen van de 19 missies voorkomt die in de tweede helft van 2015 hebben plaatsgevonden terwijl het toch een prioriteit in het BuHos en BZ is en elk verslag een vaste passage bevat over Mensenrechten, MVO en (soms) Maatschappelijke Uitdagingen.

In bijna alle bezochte landen is er substantieel sprake van kinderarbeid, namelijk in: Liberia, Sierra Leone, Guinee, Mexico, Brazilië, Turkije, China, VS (vooral in de landbouw), Zuid-Afrika, Kazakhstan, Colombia, Saoudi Arabië (o.a. kinderen uit Yemen voor seksuele uitbuiting en dwangarbeid), Palestijnse gebieden (ook producten voor Israël), Iran, Rwanda, Bangladesh, Ethiopië en Oekraïne (de laatste vijf betrof inkomende missies.

Het woord MVO komt veelvuldig voor maar wordt meestal niet (erg) concreet ingevuld bijv. in bijvoorbeeld in Mexico wordt iets rond mijnbouw gedaan, maar het is niet duidelijk wat, en bij Sierra Leone staat alleen iets in relatie tot de als positief beoordeelde rol van Heineken. De rol van Heineken in Afrika werd overigens onlangs in het programma scherp gekritiseerd: http://zembla.vara.nl/seizoenen/2016/afleveringen/23-03-2016.

Aandacht voor/gesprekken over productieketens van (deelnemende) Nederlandse bedrijven hebben we in het geheel niet in de verslagen kunnen vinden, behalve een verwijzing naar de textielsector in Bangladesh. Dit terwijl Nederlandse bedrijven toch een verklaring moeten tekenen over het naleven van de OESO Richtlijnen voor Multinationale Bedrijven. Uit de verslagen blijkt niet of daar in het kader van missies ter plaatste gesprekken over zijn, initiatieven tot verbetering worden genomen e.d.

Arbeidsomstandigheden worden tweemaal bij de kledingsector in Bangladesh genoemd en eenmaal bij Ethiopië en Mexico. Dwangarbeid en vakbondsvrijheid worden nergens genoemd en discriminatie éénmaal bij de VS. Regelmatig wordt gezegd dat er is gesproken over mensenrechten maar ook dat wordt nauwelijks concreet.

Onze conclusie is dat de huidige rapportage over MVO en Mensenrechten in het verslagen van de handelsmissies sterk tekort schiet. De beleidsprioriteit kinderarbeid wordt nergens genoemd maar ook andere aspecten van eerlijk werk (dus de sociale kant van MVO) komen nauwelijks aan bod. Ook dat laatste staat nogal haaks op de agenda van Minister Ploumen die mede gericht is op verbetering van arbeidsomstandigheden/rechten en eerlijk werk.

Stop Kinderarbeid en de Landelijke India Werkgroep doen graag enkele aanbevelingen om zowel de inhoud als de rapportage van handelsmissies met betrekking tot MVO en Mensenrechten te verbeteren:

• De rijksoverheid moet in een publiek regelmatig bijgewerkt landendossier concreet aangeven welke thema’s ze deels samen met bedrijven) gaat agenderen, op welke sectoren ze zich richt/wil richten, wat de voortgang in die sectoren is en wat er nog moeten gebeuren. Dat is ook relevant voor de IMVO Convenanten waarin de overheid zelf partij is. Sectoren die een Convenant afsluiten en de daarin relevante thema’s zouden ook in die landendossiers terug te vinden moeten zijn.

• Kinderarbeid, dwangarbeid en arbeidsrechten/eerlijk werk zouden – indien relevant en dat zal meestal het geval zijn – in alle te bezoeken landen aan bod moeten komen.

• De rapportage van de overheid over mensenrechten en MVO zou veel concreter moeten worden. Bijvoorbeeld: waarover is meer algemeen beleidsmatig en per sector gesproken, zijn er afspraken over (uitvoering van) verbeterplannen gemaakt, zo ja waar zijn die publiek te vinden, wat hebben deelnemende bedrijven gedaan dan wel wat zijn ze van plan te doen en wat hebben ze daarover publiek te melden (zie ook eerste en laatste punt).

• Deelnemende bedrijven zou verplicht moeten worden en over hun MVO-inspanningen in het kader van de missie (en mogelijk breder) te rapporteren met de OESO Richtlijnen als richtsnoer. Deze informatie wordt ook opgenomen in landendossier (zie eerste punt). De rationale voor dit voorstel is de volgende: Er is in MVO debatten vaak gesproken over verplichte rapportage door bedrijven. Voor beursgenoteerde bedrijven wordt die binnenkort verplicht op basis van de non-financial reporting richtlijn van de EU. Van bedrijven die door de overheid gefaciliteerd worden middels handelsmissies waarbij zij de OESO Richtlijnen moeten onderschrijven, mag ook verwacht worden dat ze rapporteren over hun plannen, acties en voorgang met betrekking tot die OESO Richtlijnen.

Wij vragen u deze punten bij uw inbreng tijdens het AO op 7 april wilt betrekken. Vanzelfsprekend ben ik graag bereid u desgewenst nader te informeren.

Met vriendelijke groet.

Gerard Oonk
directeur Landelijke India Werkgroep en
senior beleidsadviseur Stop Kinderarbeid coalitie.





Landelijke India Werkgroep 29 april 2016