Ingezonden briefLandbouwmaand onvolledig over Operatie Vloed |
|
In het vorige nummer van Landbouwmaand wordt informatie gegeven over Operatie Vloed in India. Daar hoort naar mijn mening nog wat bij. In de eerste plaats heeft de Landelijke India Werkgroep niet een campagne tegen verdere zuivelhulp gestart. De werkgroep heeft een analyse van de gegeven hulp gemaakt welke niet alleen maar negatief uitvalt. Op grond daarvan is een aantal voorwaarden gesteld voor verdere hulpverlening. Toen Joris Schouten en ik India bezochten, was het rapport van de werkgroep pas verschenen, en we hebben een en ander zoveel mogelijk getoetst bij onze gesprektspartners en aan de eigen ervaring die we in zo'n korte tijd konden opdoen.
Kritiek op dit omvangrijke project zal zeker mogelijk zijn. Naarmate men zijn eisen hoger stelt, zal de kritiek forser uitvallen. De vraag is of men bijvoorbeeld kan verwachten dat de hulp leidt tot zowel een hogere melkproduktie als tot een goedkope voorziening van melk voor de armsten in de steden. En hieraan kan nog worden toegevoegd een verbetering van de positie van kleine boeren en landloze arbeiders.
Kwetsbaar
Operatie Vloed heeft zich overigens zelf voor een veeleisende kritiek kwetsbaar gemaakt. Toen het Wereldvoedselprogramma met de hulp begon, werden al deze doelstellingen officieel nagestreefd. Zij zijn niet allemaal bereikt en dan is kritiek te verwachten. De vraag moet echter worden gesteld of het mogelijk is al deze wenselijkheden met één project te verwezenlijken. Volgens mij is dat niet mogelijk, in Nederland niet en ook in India niet.
Gezien door de bril van de directeur van de zuivelcoöperatie die het zuivelprogramma in hoofdzaak uitvoert, is het project van Indiase kant begonnen om te voorkomen dat de bestaande coöperatie door een massale melkpoedergift uit Europa zou worden weggevaagd. Vooral in de zomer wanneer in India de melkproduktie laag is en de consumptie het hoogst, is er behoefte aan melkpoeder en botervet om de melkproduktie aan te vullen. Het afzetten van EG-overschotten aan melkpoeder tegen weggeefprijzen zou het einde van het Indiase produktie- en distributiesysteem hebben betekend. Kurien, de directeur van de coöperatie, verzette zich daarom aanvankelijk fel tegen elke voedselhulp. Later is hij er mee accoord gegaan, toen n.l. twee voorwaarden werden vervuld: de melkpoeder zou door de Indiase coöperatie verkocht worden en de omvang van de hulp zou voor een aantal jaren constant zijn. De gelden die uit de verkoop van de melkpoeder afkomstig waren, werden tezamen met giften van de Wereldbank gebruikt voor de verdere ontwikkeling van de zuivelcoöperaties. Op het ogenblik wordt een kwart van India bestreken en is de melkproduktie sinds 1970 ruim vier maal zo groot geworden terwijl de behoefte aan melkpoeder niet meer voor 50 procent maar voor 20 procent uit invoer wordt gedekt.
Doelstelling
De activiteit van Operatie Vloed heeft zich door toedoen van de zuivelcoöperatie van Kurien geconcentreerd op de verhoging van produktie en verbetering van de afzet tegen kostendekkende prijzen. De vraag is of dit een voldoende rechtvaardiging is voor het geven van zuivelhulp. Aan de kant van de afzet is de sociale doelstelling niet ingevuld zij het dat de verkoopprijzen lager konden zijn dan zonder hulp het geval zou zijn. De sociale doelstelling zou beter bereikt zijn door het geven van consumentensubsidies; dit is overigens een kostbare zaak waardoor veel ontwikkelingslanden in grote problemen zijn gekomen. Aan de kant van de produktie heeft men zich geconcentreerd op de versterking van de coöperatie waarbij de doorbreking van het kastestelsel één van de te overwinnen obstakels is.
Al onze gesprekspartners zagen de Operatie Vloed als een positieve ontwikkeling. Ook de vertegenwoordiger van de Indiase vakbond, R.L. Thakar, hoewel hij het personeelsbeleid van de coöperatie sterk bekritiseerde. Dit laatste heeft te maken met een staking van de zuivelarbeiders, welke werd gebroken doordat de boeren de werkzaamheden in de fabriek overnamen. Naar mijn mening is een dergelijk genuanceerd oordeel te prefereren boven een afwijzing waardoor een ontwikkeling van het platteland in India minder kansen zou krijgen.
Maarten de Heer
Naschrift
Niet zeuren. De melkproduktie is toegenomen in India. Dus zit het wel goed met de EG-zuivelhulp. Dat is in grote lijnen de opvatting van de sekretaris van het Landbouwschap.
Maar al te gemakkelijk laat De Heer andere doelstellingen van het Operatie Flood-pro-gramma buiten beschouwing, zoals een goedkope melkvoorziening voor de armsten in de steden of verbetering van de positie van kleine boeren en landlozen.
Wat werkelijk gebeurde is dat vooral in één provincie de melkproduktie fors toenam mede dankzij Operatie Vloed. En juist dat gebied is door De Heer en Schouten bezocht. Geen wonder dat zij onder de indruk zijn van 'de ontwikkeling van het platteland in India'. Het is alsof je door de Flevopolders rijdt en denkt dat de melkveehouderij in andere delen van Nederland of de EG de zelfde ontwikkeling doormaakt.