terug
Onderstaand artikel is gepubliceerd in: Wordt Vervolgd, oktober 1983      

Voorzitter Indiase mensenrechtenbeweging:

"Indiase politie pleegt doelbewust politieke moorden"

door:
Hens Kraemer
Liesbeth de Ree

Onlangs deed de heer Gobinda Mukhoty uit India ons land aan. In zijn eigen land is hij advocaat bij het Hooggerechtshof in de hoofdstad Delhi en voorzitter van de PUDR - de Volksunie voor democratische rechten - een organisatie die erop gericht is de vaak benarde positie van onderliggende groepen in dit immense land te verbeteren. Hoewel hij niet door Amnesty, maar door het Humanistisch Overleg Mensenrechten (HOM) en de Landelijke India Werkgroep (LIW) uitgenodigd was, nam hij in het kader van de campagne tegen politieke moorden deel aan een forum over dit thema aan de Universiteit van Amsterdam en voorzag hij de LKG-coördinator en de locale Amnesty-groep in Zaanstad die in deze campagne voor India werkt, van de nodige informatie.
In het gesprek dat Wordt Vervolgd met hem had schetste hij een beeld van de activiteiten die in India ter verdediging van de mensenrechten ondernomen worden.


Het begin van dergelijke activiteiten gaat terug tot het midden van de jaren zeventig toen de premier, mevrouw Gandhi, de noodtoestand uitriep. Het was de door velen geachte oud-politicus Narayan die het initiatief nam door te verklaren dat er een organisatie nodig was die, niet gebonden aan welke politieke partij dan ook, zich met de verdediging van de mensenrechten zou bezig houdep. Hoe belangrijk de voorwaarde van onpartijdigheid in een sterk gepolitiseerde samenleving als de Indiase is wordt duidelijk als Mukhoty vertelt hoe sommige van zijn collega's in de PUCL - de volksunie voor burgerrechten -, de voorloper van de PUDR, zich opstelden. "Toen mevrouw Gandhi in de verkiezingen van 1977 verpletterend verslagen werd en de Janata partij van Morarji Desai de macht overnam werd het mij door enkele vrienden, die posten in de nieuwe regering bezetten, kwalijk genomen dat ik door bleef gaan met het kritisch volgen van de mensenrechtensituatie. Deze zelfde mensen waren drie jaar later toen mevrouw Gandhi weer aan het bewind kwam weer bereid de regering te bekritiseren! Dit kon ik niet aanvaarden en daarom besloot ik een nieuwe beweging, de PUDR, op te richten."

Beroepshalve is Mukhoty goed op de hoogte van de wetgeving in zijn land. In een door hem geschreven artikel voor het landelijke dagblad The Statesman wijst hij er op dat er in India zowel op het nivo van de centrale overheid als dat van de afzonderlijke deelstaten wetten zijn die gemakkelijk tegen andersdenkenden kunnen worden gebruikt. Snel sprekend en druk gebarend geeft Mukhoty aan wat er momenteel in zijn land gebeurt.

"De regering stelt dat haar wetgeving zich alleen tegen misdadigers richt. Maar er zijn al meer dan genoeg mogelijkheden om deze groep te bestrijden zodat recente nieuwe wetgeving niet in eerste instantie voor hen bedoeld kan zijn. Door de instelling van ESMA en NSA is er bovendien de kans ontstaan dat heel India aan verregaande overheidscontrole wordt onderworpen." Deze twee wetten, de "Essential Services Maintenance Act" (Wet betreffende de instandhouding van essentiële diensten) en de "National Security Act" (Nationale Veiligheids Wet) zijn volgens Mukhoty een inbreuk op de vakbondsvrijheid en de mogelijkheid tot politieke organisatie. Arnnesty heeft zijn bezorgdheid hierover uitgesproken aangezien de ESMA bepaalt dat stakers in essentiële diensten ontslagen en gearresteerd kunnen worden. De bepalingen "essentiële diensten" en "staking" zijn zodanig vaag geformuleerd dat machtsmisbruik niet ondenkbaar wordt. De NSA biedt de mogelijkheid mensen een jaar lang vast te zetten zonder een proces te hoeven voeren.

Politieke moorden
Diegenen die hierdoor getroffen worden zijn organisaties op dorpsnivo die buiten de overheid om mensen proberen te organiseren. Mukhoty: "Je moet begrijpen dat in India bijna de helft van de gehele bevolking onder de officiële armoedegrens leeft. Deze mensen worden uitgebuit door landheren en moeten vaak nog als slaven werken. Er bestaan dorpsgroepen die ernaar streven deze mensen bewust te maken dat ze dit niet hoeven te nemen en dat de Indiase grondwet uitdrukkelijke bepalingen bevat die dit soort zaken verbiedt.
Een voorbeeld van deze groepen zijn de onafhankelijke los van politieke partijen opererende coöperaties in de deelstaat Madhya Pradesh in centraal India die hun eigen scholen en ziekenhuizen bouwen. De regering maakt zich bezorgd dat de mensen hun geld hierin steken in plaats van drank te kopen! Kun je je voorstellen hoe bedreigend het voor de regering zou zijn als deze basisgroepen zich op grote schaal zouden verspreiden?"

De autoriteiten laten volgens Mukhoty geen middel onbenut om deze door hem als zelfbeschikkingsorganisaties aangeduide groepen te bestrijden. Eén hiervan is politieke moord. Veel van de mensen die tijdens een gewapend treffen met de politie de dood vinden worden in werkelijkheid in koelen bloede vermoord. Vaak is de mededeling van regeringszijde dat het hierbij om "Naxalieten" gaat in strijd met de feiten. Men probeert op die manier de basisgroepen te criminaliseren (De "Naxalieten" zijn een aan het eind van de jaren zestig ontstane radicale politieke beweging die haar oorsprong vond in het Naxalbari district in West-Bengalen. Een vleugel van deze. beweging wilde door middel van geweld. bijvoorbeeld door moord op grote landeigenaren, politieke veranderingen bewerkstelligen). In gebieden waar het leger oppermachtig is, de zogenaamde "disturbed areas", is de kans op mensenrechtenschendingen nog groter. Missies van de PUDR wezen uit dat, onder andere, vrouwen hier door soldaten gemolesteerd worden.

Te voorzichtig
De PUDR is één van een tiental organisaties die op landelijk niveau opereren. Daarnaast zijn er groeperingen die alleen in bepaalde deelstaten actief zijn. Het feit dat het hoofdkantoor in Delhi staat, is niet toevallig. Het is eenvoudiger om van hieruit politici en de pers van gegevens te voorzien. Tot nu toe heeft de PUDR zo'n dertig rapporten naar aanleiding van onderzoeksmissies doen verschijnen. In vergelijking met Amnesty richt men zich meer op de sociale en economische - dan op de puur politieke rechten. De door haar ingestelde missies gingen naar alle delen van het land en betroffen de problemen van veel verschillende groepen - zoals boeren, fabrieksarbeiders en mijnwerkers. De missies zijn samengesteld uit journalisten en sociale wetenschappers die veel aandacht besteden aan de sociaal-economische achtergrond, zoals grondbezit op het platteland en het recht op organisatie van arbeiders in stedelijke gebieden. De aanbevelingen die gedaan worden liggen meestal op het juridische vlak en variëren van het verzoek om instelling van officiële commissies tot de eis dat de regering de wetgeving toepast die de arme delen van de bevolking beschermt. "We hebben een goede Grondwet. Het gaat erom dat de autoriteiten zich eraan houden".
Gevraagd naar het verschil met een organisatie als Amnesty verklaart Mukhoty dat hij het onjuist acht om zich alléén met de onderdrukking van de vrijheid van meningsuiting bezig te houden. Vooral in een land als India blijken mensenrechtenschendingen telkens terug te voeren tot een onrechtvaardige sociale structuur. Strijdbaar stelt hij: "Wij schrijven niet alleen brieven, we klagen ook aan!" Tevens stuiten de beleefde formuleringen waar Amnesty zich van bedient hem tegen de borst. "Je noemt moordenaars toch geen Geachte Heer! Ik vrees dat Amnesty zich sinds haar ontvangst van de Nobelprijs in 1977 te voorzichtig is gaan opstellen. De kans bestaat dat ze zich door deze officiële erkenning laat inkapselen."
Niettemin doet de PUDR, net als Amnesty, een beroep op de overheid zich aan de door haar opgestelde wetgeving te houden.

De PUDR heeft bij het Hooggerechtshof een aanklacht ingediend in het kader van het zogeheten "procederen in het algemeen belang" ("public interest litigation"). Dit is een wijze van procederen die, behalve in de Verenigde Staten, nog weinig ingang heeft gevonden. "Het gaat hierbij om een juridische procedure in het algemeen belang waarbij een derde partij een zaak aanhangig kan maken. Zo hebben wij als PUDR een aanklacht ingediend ten behoeve van onderbetaalde contractarbeiders die betrokken waren bij de bouw van het dorpscomplex voor de Aziatische Spelen van verleden jaar. Deze mensen waren wegens hun onkunde van het rechtssysteem hier zelf niet toe in staat. Het Hooggerechtshof heeft ons in een historische uitspraak in het gelijk gesteld!" Mukhoty hecht grote waarde aan deze procedure omdat hierdoor het rechtssysteem eindelijk ook betekenis voor de arme bevolkingsgroepen kan gaan krijgen. In deze in september 1982 gedane uitspraak, die in haar gehele omvang van 50 paginas door de pers werd gepubliceerd, werd de instelling van drie ombudsmannen opgenomen die er op moesten toezien dat de betrokken werkgevers het wettelijk minimumloon uitbetaalden. "Toch blijkt nu al dat deze eis niet wordt gehonoreerd. De boete die is opgelegd is zo miniem dat men liever dit bedrag betaalt dan zich aan de wet te houden! We hebben dan ook een nieuwe aanklacht wegens minachting van het Hooggerechtshof ingediend waarover binnenkort uitspraak wordt gedaan." Het is duidelijk dat de voorzitter van de PUDR een gedreven man is die de wettelijke mogelijkheden van het Indiase politieke systeem zoveel mogelijk zal benutten.




LIW IN 'T NIEUWS

Hulp aan India

Kinderarbeid & Onderwijs

HOME Landelijke India Werkgroep

Landelijke India Werkgroep - 17 maart 2005